'DEnK_A@N_JeZeLF'' VerZorging,VoeDing,ZiekTen,enZ'

Communities

ZeelandNet

'DEnK_A@N_JeZeLF'' VerZorging,VoeDing,ZiekTen,enZ'

eeN CoMMuNiTy MeT VaNaLLeS oVeR Je GeZoNDHeiD

349.011 bezoekers 80 leden Log in

1. Werken, worden we daar gelukkig van?


     

 

 Werken worden we daar gelukkig van?

 

 

 

 

 

Ook als er kinderen komen denken steeds meer vrouwen ervoor te blijven werken. Omdat het afwisseling geeft, een gevoel van eigenwaarde, contacten met mensen. Maar de combinatie met thuis, hobby`s en de relatie blijkt zwaar. Daarom: maakt werk ook gelukkig?

 

 

 

 

 

Moe, moe, moe. Het gevoel dat je al moe bent als je opstaat. In de loop van de dag gaat het wel weer over, als je op je werk eenmaal bezig bent. Maar als je `s avonds thuis bent en je gaat zitten, dan valt die moeheid bovenop je. Je wilt er niet altijd over klagen, want je kinderen reageren nu al van met mama is altijd moe en je man reageert er helemaal niet op, of hij zegt: Doe er dan wat aan. Je voelt je tegenover je gezin schuldig, maar ook verongelijkt, want je doet zo je best.

 

Werk en moederschap worden tegenwoordig door maar liefst 75 % van de jonge vrouwen met elkaar gecombineerd. De meeste vrouwen ervaren het als zwaar en toch kiezen ze er massaal voor. Waarom willen we eigenlijk zo graag werken? En maakt het ons gelukkig?

 

Jaren geleden werden werkende moeders onmiddelijk ingedeeld in een kamp. Je had werkende en echte moeders en beide groepen en beide groepen vonden dat ze hun keuze moesten verdedigen. De verdediging van ons werkende moeders was opgebouwd rond de stelling dat we onze kinderen niet echt verwaarloosden en dat ze er zelfs waarschijnlijk bij gebaat waren dat ze moeders hadden die hun talenten ontplooiden. De verdediging van de zorgende moeder kwam erop neer dat zij wel degelijk een brede intresse hadden en dat ze geen kind hadden gekregen om het vervolgens aan de zorg van anderen over te laten. Er werd aangenomen dat vrouwen werkten omdat ze zo nodig moesten. Dus voor hun eigen genoegen en dat was egoïstisch, want voor een echt vrouw ging het geluk voor haar kind voor alles, vooral voor haar eigen geluk. Als je moest werken omdat je het geld nodig had om met je gezin te overleven, vooruit: dan was het sneu.

 

Die strijd lijkt inmiddels wel uitgewoed, hoewel het schuldgevoel bij werkende moeders altijd op de loer ligt. Onlangs ontstond er dan ook weer een nationale opwinding, toen een psychologe waarschuwde dat crèches helemaal niet zo goed zouden zijn voor jonge kinderen. Door langdurig verblijf in een crèche zouden kinderen gedragsproblemen kunnen krijgen. Anderen en later ook de spygologe zelf relativeerden die visie weer: als de pedagogische begeleiding goed is en de kinderen veel aandacht van de leidsters krijgen, dan zou het wel weer meevallen.

 

Werkende vrouwen vragen zich af: is het wel goed om je kind toe te vetrouwen aan professionele verzorgsters?

 

Ondanks dit soort vragen vindt het merendeel van de Nederlanders inmiddels dat vrouwen zelf mogen kiezen of ze blijven werken naast een gezin, mits de zorg voor de kinderen goed geregeld is. Het feit dat man en vrouw de keuze hebben tussen werk en/of zorg en daar niet meer om worden veroordeeld. Hoewel de keuze meestal nog vrij voorspelbaar wordt gemaakt - hij werkt fulltime door en zij gaat minder werken - zal vast dat in de nabije toekomst ouders allebei financieel zelfstandig zijn en samen voor hn kinderen zorgen. Voor ouders en kinderen biedt dat nieuwe kansen.

 

Nu werken buitenshuis mag, duikt de vraag op wat die baan ons oplevert. De verhalen van vrouwen die uitgeput en opgebrand op en neer jakkeren van werk naar school, naar clubjes, naar huis en naar bed, klinken niet vrolijk. Is dit nu wat we zo graag wilden? Hebben we hiervoor de afgelopen vijftig jaar strijd geleverd voor gelijke kansen op de arbeidsmarkt? Wanneer je veertig jaar gelden als vrouw in het onderwijs werkte en je trouwde, werd je ontslagen. Een getrouwde vrouw hoefde niet te werken, die had een man die voor het inkomen zorgde. Het werd lange tijd als luxe gezien wanneer vrouwen thuis konden blijven en niet hoefden te werken, althans niet buitenshuis. En als het om opleiding ging, dan werd die voor jongens belangrijker gevonden dan voor meisjes; die gingen immers toch trouwen. Nog geen halve eeuw later is dat ondenkbaar. Vrouwen hebben dezelfde opleidingsmogelijkheden als mannen en ze doen het zelfs aanzienlijk beter op school. Er zijn nog maar weinig vrouwen die stoppen met werken als ze trouwen of een vaste relatie krijgen en 75 % van de vrouwen blijft ook doorwerken nadat ze moeder is geworden. Wel besluit het merendeel dan minder te gaan werken. Ongeveer een kwart van de vrouwen blijft, als er kinderen zijn, dertig tot veertig uur werken. Het grootste deel gaat dan echter terug naar een baan(tje) van twaalf tot dertig uur. Het aantal moeders dat in deeltijd werkt, is in Nederland veel groter dan in de ons omringende Europese landen. Op de kritiek dat werkende moeders hun kinderen verwaarlozen en dat die daar ongelukkig en crimineel van worden, hebben we inmiddels een antwoord dat onderbouwd wordt door wetenschappelijk onderzoek: kinderen van werkende moeders doen het niet slechter op school en geven niet meer problemen dan kinderen van ouders  die fulltime thuis zorgen. Het gezin hoeft er dus niet onder te lijden, als je het goed regelt. Maar hoe zit het met onszelf? Zijn we er nu echt gelukkiger van geworden, van dat werken buitenshuis?

 

Het aantal werknemers in de WAO (Wet op de Arbeidsongeschiktheid) is de laatste jaren enorm gestegen en die toename komt vooral doordat zoveel vrouwen in de WAO terechtkomen. Vooral in het onderwijs en de zorg, sectoren waarin altijd al veel vrouwen werken, de werkdruk hoog is en stevig wordt bezuinigd, vallen de vrouwelijke werknemers bij bosjes. De oorzaak daarvan werd onmiddelijk gezocht bij de dubbele belasting van vrouwen. Naast hun werk moesten ze immers nog een gezin runnen en hun mannen deden natuurlijk veel te weinig. Hoewel dat waarschijnlijk een factor is die meespeelt. is de waarheid weer eens minder simpel. Vrouwen zonder gezin blijken namelijk net zo vaak uit te vallen door psychische en lichamelijke klachten als werkende moeders. Dus de dubbele belasting is zeker niet de enige reden waarom vrouwen wel of niet gelukkig zijn in hun baan en goed functioneren. Bovendien blijkt uit allerlei onderzoeken dat vrouwen met een baan buitenshuis als groep gelukkiger zijn dan vrouwen die de hele dag thuis zijn. Hoe moet je al deze tegenstrijdige uitkomsten nu begrijpen?

 

In het onderzoek Vrouw en Werk, wilden we erachter komen hoe gelukkig vrouwen waren met hun werk, hun leven en hun gezin. Op de of ze met een rapportcijfer wilden uitdrukken hoe tevreden ze waren over hun werk, reageerde maar 2% van de vrouwen met een onvoldoende. Gemiddeld gaven de vrouwen hun tevredenheid over het werk aan met een 8-. Vrouwen met een hogere opleiding werken meer uren dan vrouwen met minder opleiding en waren over het algemeen ook tevreden over hun werk dan de lager opgeleide vrouwen. Er is geen samenhang tussen tevredenheid met de baan en het inkomen, dus vrouwen die meer verdienen, zijn niet per se blijer met hun baan. Dat geld  niet de enige en zeker niet de belangrijkste reden is waarom vrouwen buitenshuis gaan werken, wordt nog eens duidelijk uit de reacties op de vraag waarom ze eigenlijk werken. Als belangrijkste reden om te werken wordt slecht door 20% van de vrouwen het inkomen genoemd; 16% werkt, omdat ze het belangrijk vindt financieel onafhankelijk van hun partner te zijn. De rest werkt, omdat ze het leuk vindt (32%), om zich te ontplooien (22%) en vanwege de sociale contacten (10%).    Dat een minderheid van de vrouwen financiële onafhankelijkheid belangrijk vindt, verbaast me. Gezien het feit dat een op de drie huwelijken eindigt in een echtscheiding, is die zorgeloze onafhankelijkheid getuigen van een niet realistisch optimisme. We weten immers uit onderzoek dat de financiële positie van vrouwen en kinderen in de meeste gevallen veel slechter wordt na een echtscheiding. Het is zelfs zo, dat de verslechterende financiële situatie een belangrijke oorzaak is van de aanpassingsproblemen die kinderen hebben als hun ouders gaan scheiden. Als de financiële armslag van een gezin niet duidelijk omlaag gaat, blijken de verschillen in gedrag en leerprestaties tussen kinderen uit volledige en eenoudergezinnen veel kleiner te zijn.          Uit het onderzoek bleek verder dat vrouwen met een baan buitenshuis voor het overgrote deel niet alleen zeer tevreden waren over hun werk, maar ook over hun relatie met man en kinderen. Hoewel duidelijk was dat ze naast hun baan veel meer tijd dan hun mannen besteden aan de zorg voor huishouden en kinderen, viel het aantal conflicten over de taakverdeling mee, volgens deze vrouwen. Kennelijk accepteren ze deze ongelijke taakverdeling, omdat ze geen zin hebben om er altijd ruzie over te maken, maar vooral ook omdat hun mannen over het algemeen meer uren buitenshuis werken en een grotere bijdrage leveren aan het gezinsinkomen. 75% van de vrouwen uit dit onderzoek had een partner die fulltime werkte en slechts 16% verdiende meer dan haar partner. De reden hiervoor was niet dat de opleiding van de vrouwen zoveel lager was, maar gewoon dat ze minder uren betaald werkten. Echter, als mannen meer zorg voor de kinderen op zich namen, dus als de taken echt gelijkwaardiger verdeeld waren, kwam dit de relatie wel ten goede. De vrouwen en mannen bij wie dit het geval was, waren duidelijk meer tevreden over hun relatie.

 

Ondanks het beeld in de media van de altijd rennende carrièrevrouw die zo nodig moet, zien vrouwen met een baan buitenshuis de combinatie minder als een dubbele belasting dan als het beste van twee werelden. Als belangrijke voordelen van de combinatie noemen ze in het onderzoek de afwisseling (33%), het feit dat betaald werk goed is voor hun gevoel van eigenwaardig (23%) en de sociale contacten (11%). Maar hoe zit het dan met al die klachten en met de WAO? Kennelijk zitten er toch wat haarscheurtjes in al die tevredenheid, hoewel we dat niet zo openlijk willen toegeven.

 

Vermoeidheid wordt door werkende moeders als het belangrijkste nadeel gezien van een baan buitenshuis, gevolgd door te weinig tijd voor het gezin en te weinig voor zichzelf. En daar ligt waarschijnlijk een van de oorzaken van het feit dat veel werkende vrouwen klachten krijgen, ook al houden ze van hun werk en vinden ze dat het bijdraagt aan hun geluk. Ondanks hun baan vinden ze dat de opvang, nee sterker nog, het geluk van hun kinderen meer hun verantwoordelijkheid is dan die van hun man. Er is al vaak op gewezen dat Nederland in vergelijking met de ons omringende landen behoorlijk achterloopt als het gaat om de opvang van kinderen en ouderschapsregelingen. Vermoedelijk zal dat verbeteren de komende jaren. Niet uit begrip voor ons, maar omdat het steeds duidelijker wordt dat de samenleving vrouwen nodig heeft, zeker als de babyboomgeneratie met pensioen gaat. Met name in het onderwijs en de zorg zijn er nu al grote tekorten aan personeel. Meer en goedkopere mogelijkheden voor kinderopvang zijn zeker nodig. Toch blijkt uit ons onderzoek dat vrouwen nog steeds huiverig staan tegenover het uit handen geven aan de zorg voor hun kinderen. Om de combinatie van werk buitenshuis en gezin minder zwaar te maken, zouden de meeste vrouwen hun werk graag eerlijker willen verdelen met hun partner. Ze willen dus het liefst een oplossing thuis vinden en pas als dat echt niet lukt, zoeken ze oplossingen in de sfeer van kinderopvang of regelingen bij werkgevers of overheid.

 

Tenslotte is er nog een andere reden waardoor sommige vrouwen niet gelukkig zijn in hun werk en zelfs gezondheidsproblemen krijgen. Voor vrouwen is - veel meer dan voor mannen - de sfeer op het werk belangrijk. Vrouwen zin uitgerust met antennes voor de sfeer om hun heen. Als iemad chagrijnig, boos of verdrietig is, merken wij dat. Diegene hoeft dat niet tegen ons te zeggen, we signaleren het door een opgetrokken wenkbrauw, een iets te lange pauze voor er een antwoord komt, een subtiele verandering in de stem. Soms voelen we deze veranderingen zelfs zonder dat ze er zijn, maar vaak hebben we gelijk en is er iets aan de hand.

 

Vanaf dat moment voelen we ons niet meer op ons gemak en willen we iets doen: erover praten of de oorzaak van het ongenoegen wegnemen. Vrouwen voelen zich niet alleen thuis, maar ook op het werk verantwoordelijk voor de sfeer. Fusieperikelen, verschil van inzicht, persoonlijke tegenstellingen tasten de arbeidsvreugde van vrouwen veel sterker aan dan die van mannen. Die zijn meer gewend om emoties en werk te scheiden. Mannen spannen zich allereerst in voor een goede relatie met hun leidinggevende, maar vrouwen willen vriendje zijn van iedereen, (vooral) ook met degenen aan wie zij leiding moeten geven of van wie ze leiding krijgen. Een gespannen relatie is voor veel vrouwen erg moeilijk en kan het plezier in het werk behoorlijk aantasten. Vrouwen functioneren dan ook het beste in een bedrijf waarin de werksfeer prettig is en als ze goed kunnen opschieten met collega`s. Als dit niet het geval is, is het wellicht goed om tijdig uit te kijken naar iets anders.

 

 

 

 

 

 

Omhoog