Overdenkingen

Een van de moeilijkste zaken bij het opstellen van een profiel, of een pagina zoals deze is het kiezen van een gebruikersnaam. Eigenlijk zou ik van te voren een paar namen moeten bedenken, elke keer word ik ter plekke gewezen op de grenzen van mijn creativiteit. Ik heb deze keer dus gekozen voor 'zeegeus'. Waarom? Omdat ik gevaren heb en tegenwoordig hulppredikant ben, daarnaast ben ik in geschiedenis geïnteresseerd. Dus 'zeegeus' dekt de lading wel een beetje.Het is mijn bedoeling om hier preekteksten en overdenkingen te plaatsen. 

Preek van zondag 24-08-2014 in Gent, Brabantdamkerk.

1 reactie

Bijbelteksten: Jesaja 51: 1-6 & Matthéüs 16: 21-27

Liederen (LBK 1973): P 84: 1,2,3 ; G 427: 1,6,7,8 ; P 89: 1, 6, 9 ; G 481: 1, 2 ; G 481: 3, 4 ; G 305 ; G 319: 1, 2, 3

§ 1

Beste mensen, broeders en zusters.
Je kan het om je heen horen, je kan het in de opiniepagina’s van de kranten lezen: „Al die miserie in de wereld is de schuld van de godsdiensten.” „Laten we alle godsdiensten maar afschaffen, want ze veroorzaken oorlog, onderdrukking en terreur.”
Zou dat echt helpen? Zou het helpen als we hier nu opstaan, naar buiten gaan en nooit meer terugkomen?
Ik betwijfel dat. 

Vreemd genoeg zijn het juist vaak mensen die zelf nooit een voet in de kerk zetten die dergelijke opmerkingen maken. Ze veronderstellen misschien ook dat er vanaf de preekstoel gezegd wordt wat men moet denken. En dat dat dan ook gebeurt.
Ik hoop dat u allemaal zelf uw meningen vormt. 

Ik sta hier om mijn visie op een Bijbeltekst en op de waarde van die tekst in de wereld waarin we leven aan u mee te geven. Wat u daarmee doet is aan u. 

Ik ben ervan overtuigd dat een kerkgemeenschap kan bijdragen aan de sociale samenhang van de samenleving. En ik ben ervan overtuigd dat geloven goed kan zijn voor onze persoonlijke ontwikkeling. 

U bent hier allemaal omdat u hier wilt zijn, tenminste dat hoop ik.
Wanneer mensen gedwongen worden om naar de kerk te gaan, omdat dat zo hoort, …
Wanneer we mensen gaan lastigvallen om ze te zeggen dat hun levensstijl niet overeenkomt met Gods wil, …
Wanneer een paar mensen binnen de kerk gaan beslissen wat Gods wil is, …
Dan zou men inderdaad terecht kunnen zeggen dat godsdienst schadelijk is.
Geloven is gelukkig zoveel meer dan dat.

"Het is Gods wil. God wil het zo." Hoe vaak zijn deze woorden al niet misbruikt geweest? Meestal gaat het dan om hetgeen een paar mensen goed uitkomt. „De wil van een paar mensen binnen de organisatie” klinkt echter minder mooi dan „Gods wil”.
Gods wil, dat is het grote verhaal waarin we leven. Gods wil, Gods rechtvaardigheid en het lot van de mensen horen bij elkaar.

§ 2

Wanneer we het over Goddelijke rechtvaardigheid hebben, dan denken we misschien aan rechtspraak en daardoor ook aan genoegdoening. En net als bij rechtspraak denken we dan ook dat we eisen kunnen stellen, dat we iemand een proces kunnen aandoen. Goddelijke rechtvaardigheid is echter zo’n Bijbels begrip dat we misschien beter niet vertaald hadden. Het Hebreeuwse woord 'tsadik' klinkt veel mysterieuzer en ongrijpbaar. Goddelijke rechtvaardigheid, ofwel 'tsadik' geeft aan hoe alle lotsbestemmingen in het grote verhaal passen. Wij hebben geen zicht op het geheel, maar we kunnen erop vertrouwen dat er een grotere rechtvaardigheid in het geheel zit dan dat wat we van dichtbij aan ons lot kunnen zien.
Hoe vaak wordt er niet gedacht dat de Goddelijke rechtvaardigheid betekent dat degene die jou iets aandoet wel z’n bekomst zal krijgen?
De Goddelijke rechtvaardigheid is geen genoegdoening.
God kan niet voor persoonlijk menselijk gewin ingezet worden. 

Het grote verhaal, dat alleen God kan overzien, is het geheel van onze lotsbestemmingen. De Romeinen in de tijd van Jezus, maar ook de Grieken, de Egyptenaren en alle andere volkeren die de buren waren van de oude Joden, hielden zich bezig met het proberen voorspellen van de toekomst. Ook nu nog willen veel mensen weten wat voor ongeluk of geluk hen volgende week zal treffen. Sommigen gebruiken zelfs de Bijbel daarvoor en zien in Bijbelboeken zoals de Openbaring van Johannes een draaiboek dat punt per punt gevolgd kan worden.
Leert de Bijbel ons niet dat we ons niet moeten bezighouden met toekomstvoorspellingen? Zowel in de Evangeliën als in het Oude Testament vinden we dit keer op keer. In het boek Deuteronomium vinden we tussen de gruwelijke regels over wie je wanneer moet stenigen dat je alleen naar profeten mag geluisterd hebben waarvan de toekomstvoorspelling is uitgekomen. (Deut. 18: 21-22) Een stukje surrealisme in de Bijbel, maar het is wel duidelijk. Toekomstvoorspellen, daar deden de Joden niet aan.
Wanneer Jezus tegen zijn discipelen vertelt over wat er hen allemaal te wachten staat is hij dus ook hierin bijzonder. Hij laat hen een deel van het grote verhaal zien. Het zijn niet zijn plannen die hij ontvouwt, het zijn niet zijn zorgen die hij met hen deelt. 

Petrus was een kordate man. Wanneer er problemen waren kwam hij met oplossingen. Als het gaat om het binnenhalen van de netten was hij de man die je erbij moest hebben. Hij hoort Jezus vertellen over wat er zal gebeuren en denkt te hulp te moeten schieten. „God verhoede het, Heer!”
Trouw en bezorgd, dat was Petrus. Waarom reageert Jezus dan zo fel? „Ga terug, achter mij Satan! Je zou me nog van de goede weg afbrengen. Je denkt niet aan wat God wil, maar alleen aan wat de mensen willen.”

Petrus gebruikt in z’n uitroep God als persoonlijk tovermiddel. Met Gods hulp kunnen we het. Maar als ik Gods hulp zou kunnen gebruiken om mijn lot aan te passen, dan pas ik ook het grote verhaal aan. Eigenlijk plaatst Petrus zich boven God met zijn uitspraak. Of hij het bewust deed is een andere vraag.
Jezus moest wel streng optreden. Petrus deed met zijn uitspraak alles teniet wat Jezus aan de discipelen geleerd had. 

§ 3

Op de Nederlandse twee-euro-munten staat op de zijkant: „God zij met ons”. Het Amerikaanse dollarbiljet vermeldt: „In God we trust.”
Als God met ons is, is Hij dan ook met een ander? Betekent het dat we dan meer mogen? Betekent het dat God ons in onze plannen helpt? Al snel zouden we naast Petrus staan wanneer we deze redenering blijven volgen. 

Op deze manier wordt God kleiner gemaakt dan de mensen en daartegen reageerde Jezus.
God beheerst de Goddelijke rechtvaardigheid, de 'tsadik'. God is geen scheidsrechter die te beïnvloeden is.

Deze kleiner gemaakte God is de god waartegen atheïsten zich afzetten. Het is de god waarin mensen niet meer geloven omdat hen iets is overkomen. De God die ervoor moet zorgen dat er vrede heerst. En als Hij dat niet doet dan wordt Hij gestraft door niet meer in hem te geloven. 

De kleiner gemaakte God is ook de God van de extremisten in het Midden Oosten. Een God die jouw hulp nodig heeft om zijn plan uit te voeren dat jij overigens ook bedacht hebt, dat is geen god. Dat is een middel dat gebruikt wordt om mensen blind te laten gehoorzamen aan enkele machtswellustige leiders. 

Ook in de tijd van Jezus werden mensen door charismatische leiders met een ideologische boodschap misbruikt. Doorheen de geschiedenis zien we het steeds opnieuw.
Dat zou niet God moeten ontmaskeren, maar het godsbeeld dat deze mensen gebruiken. 

De God waarover ik wil praten is zoveel meer. Hij is de God van het verbond. De God die we kunnen vinden in de eenheid en niet in de verdeeldheid. De God van het grote verhaal waarin we allemaal een plaats vinden. Het grote verhaal waarin we allemaal belangrijk zijn. 

§ 4

Wanneer we het Onze Vader bidden dan zeggen we: „Uw wil geschiede gelijk in de hemel, alzo ook op de aarde”.
We zeggen daarmee dat we ons neerleggen bij Gods wil. We aanvaarden het deel dat ons lot speelt in het grote verhaal dat bestuurd wordt door de Goddelijke rechtvaardigheid. 

Het aanvaarden van je lot klinkt hard.
Aanvaarden van je lot is niet in een hoekje zitten huilen. Het is niet elke hulp in je leven weigeren omdat alles wat je overkomt Gods wil is. Jezus heeft duidelijk verwoord dat aanvaarden van je lot betekent geen zorgen te maken over morgen omdat je vandaag leeft. En terwijl je vandaag leeft heb je God lief boven alles en je naaste als jezelf.
Als mijn naaste een vaccin uitvindt dan ga ik dat dus ook niet weigeren omdat ziektes bij mijn lot zouden horen. Ik wil mijn naaste helpen en laat mijn naaste ook mij helpen. 

Je naaste helpen is niet belerend optreden en zeggen dat hij of zij naar de kerk moet komen, of dat hun levensstijl niet goed is in Gods ogen, of dat hun overtuigingen slecht zijn. Er mogen geen voorwaarden gesteld worden wanneer je de liefde van God deelt met de mensen. Want dat komt voort uit persoonlijke onverdraagzaamheid en niet uit Gods genade. Een kerk die zich zo opstelt glijdt af naar extremisme.

Geloven kan mensen vrij maken. Gelovigen mogen elkaar dus zeker niet beknotten in naam van God.
Het is onze taak om met de hulp van Gods genade en Gods liefde het leven van onze medemensen draaglijker te maken.
Gods genade en Gods liefde mogen we Gods hulp noemen omdat deze ons helpen in onze eenvoudige maar belangrijke taak, in onze enige taak: het werken aan de vrede. 

Amen.

 

1 reactie

Hoe staat werken aan vrede dan in verhouding aan betalen oorlogspenningen?(belasting)

Oh ja natuurlijk geef dat maar aan nero...

Komt dat even makkelijk uit voor nero dat dat er in staat.

 

pappajesse

06 January 2015 om 15:29

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.