den archivaris

Welkom op mijn weblog

voorjaar

1 reactie
Ik weet het, je zou het niet zeggen vandaag, maar het is weer voorjaar. De tijd waarin de vogeltjes, de eendjes, de poezen en noem maar op, weer aan het koppelen slaan om voor nakroost te zorgen. Natuurlijk gaat dat in wezen bij de mensen ook zo, maar vooral vroeger was dat beslist geen eenvoudige zaak. Als je bijvoorbeeld als jongeman van Kloetinge wou gaan vrijen met een meisje uit Kapelle, nou dan kostte dat een hoop moeite, want de Kapelse jongelingen ervoeren dat als een inbreuk op hun eigen (meisjes)terrein. Het kostte moeite en een hoop geld om de vrouw van jou keuze uit een ander dorp te halen. Maar was je geaccepteerd, dan zat het goed. In de grensstreek van Zeeuwsch-Vlaanderen was het niet anders en daar had je dan de complicerende factor van wat er gebeuren moest, wanneer een Belgisch jongmens een meisje uit pakweg Aardenburg of Eede wilde bevrijen. Doorgaans werd hij opgewacht, in elkaar geramd en weer naar huis gestuurd. Nou dan moest je moed hebben. Die moed had Pol van de Vijver uit Merelbeke. Sterker nog hij was er (achter een hooiberg?)in geslaagd om Janna Munters uit Eede te bezwangeren. Zo zie je maar weer eens dat het eerste schot best wel eens een vogel kan zijn. Groot probleem voor de Eedese jongens. Moesten ze hem toelaten tot het dorp, of moesten ze hem furieus verwijderen. Meneer pastoor had op naastenliefde aan gedrongen, maar, zo vonden de jongens, dat was geen kenner. Bijkomend probleem was de  vraag: was het kind dat komen ging nu een Belgisch onderdaan of een Nederlands. Het werd een heel gesteggel op de klapbank waar ze zaten. We praten immers over rond 1900. Het meisje was een Nederlandse, dus het kind was ook Nederlands, vonden de meesten. De vader was een Bels, dus was het een Belgisch onderdaan, vond een minderheid onder aanvoering van Pieterke van den Dussche. De argumenten vlogen over een weer en Pieterke, die er alleen maar bij mocht horen omdat hij wat gebrekkig was, liet duidelijk merken, dat hij, voordat hij leerling kleermaker werd, nog twee jaar extra op de lagere school had gezeten en dus meer gestudeerd had dan de anderen, die na zes jaar onderwijs het land waren opgestuurd. Hij betoogde, dat de wet - welke wist hij niet - bepaalde dat het kindje Belgisch was. Het was een Belgische jongen die het kind verwekt had en dat was alles bepalend. Hendrik Henneky, die al die tijd weinig naar voren had gebracht, doch meer had geluisterd naar de discoursen, maakte een eind aan de discussie en sprak tegen Pieterke: "als onze kat in de oven heeft gejongd, zijn het dan kadetjes?" Een daverend gelach weerklonk door de prille, maartse avondlucht. De lente was aangebroken.

1 reactie

Pol v.d. Vijver, de naam klinkt bekend, maar 't was 't em nie hoor !

In Tholen raakte een meisje zwanger van een Duitser, ze werd "bezet" zogezegd. Haar ouders waren daar niet blij, en zo zei de a.s. grootvader (die het zwarte garen niet had uitgevonden), "Straks kunnen we dat kleine jonk nog nie verstaen oak !"

Groeten en goed paasweekend! 

Jopie Meerman

22 March 2008 om 20:13

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.