den archivaris

Welkom op mijn weblog

de papenhoeve

2 reacties
Aan het eind van de zestiende eeuw moesten de mensen op Zuid-Beveland van katholiek protestants worden. In het ene dorp ging dat gemakkelijker dan in het andere. Het is zeker niet zo, dat alle katholieken verdwenen, integendeel, begin zeventiende eeuw ontstonden er een zogenaamde stadsparochie, in Goes, en een landsparochie, voor het platteland van Zuid-Beveland. Een tijd lang waren er twee pastoors, een voor de stad en een voor het land, die overigens ook wel eens ruzie hadden, vooral toen in de achttiende eeuw het Jansenisme in de katholieke kerk een voorname rol speelde. Doorgaans werden die katholieke ingezetenen wel geaccepteerd, maar wanneer er dan in zo'n dorp een nieuwe predikant kwam vol van (on)heilig vuur tegen de katholieken, dan werd het nog wel eens moeilijk. Dergelijke predikanten verplichtten het dorpsbestuur om maatregelen tegen 'paapse supersistien' te nemen. Meestal werd de soep dan niet zo heet gegeten als ze werd opgediend. Vaak konden de katholieken dan ongestoord verder gaan met het vieren van de mis, wanneer ze de schout wat geld in de hand stopten. Ook wanneer de protestantse clerus het voor elkaar kreeg, dat in de Staten van Zeeland maatregelen werden verordonneerd tegen rederijkersverenigingen, die doorgaans uit katholieken bestonden, dan kwam er van de uitvoering van die maatregelen niet veel terecht. Het was meer leven en laten leven. Pas wanneer de baljuw ook een katholiekenhater was dan was het moeilijk voor de roomsen. Zo in de zeventiende eeuw in de buurt van Ellewoutsdijk. Daar raakte het bekend, dat er een rondreizend pastoor in een boerenhoeve de mis zou opdragen. De baljuw er op af. Hij bonkte op de deur, kwam naar binnen en brieste: waar is die pastoor. De boer antwoordde: een pastoor, meneer de baljuw, die is hier helemaal niet. De baljuw wilde het niet geloven en doorzocht de hele boerderij van onder tot boven, maar nergens een pastoor en ook geen katholieke gewaden. De boer bleef ondanks het onderzoek, dat op ruwe wijze geschiedde - alles werd uit de kasten gehaald en niet terug gelegd - uiterst beleefd en protesteerde niet. Grommend verliet de schout met zijn rakkers het erf. De beleefde boer was evenwel de pastoor, die in de hoeve wel degelijk de mis had gelezen. Sindsdien stond de boerderij bekend als Papenhoeve.

2 reacties

Hoi Archivaris.

Er zijn toch ook enkele schuil-kerken in Zeeland, en ook hage-prekers ?

Fijne maandag(avond).

Groeten Eric.

ERIC221

28 January 2008 om 17:27

En dat alles is nog maar driehonderd jaar geleden, Archivaris! Daarom is geschiedenis een belangrijk vak. Want van zulke verhalen kunnen we veel leren.

Groetjes van Tilly

Tuinfluiter

28 January 2008 om 17:45

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.