den archivaris

Welkom op mijn weblog

bij de slager

5 reacties
Mijn grootvader had een slagerij. Ruim vijftig jaar heeft hij die zaak gehad. Toen hij de winkel aan de kant deed en hem niet verkocht aan een mogelijke koper, die hij had, ging hij bij een van zijn collega's werken, want hij kon het uitbenen, worst maken of gehakt draaien niet laten. Zijn mogelijke opvolger vond hij een knoeier. Het was hard werken in die zaak, vooral op zaterdag en van mijn broers en ik werd verwacht, toen we in onze vlegeljaren waren gekomen, dat we bij opa en oma gingen logeren in de grote vakantie om als gelegenheidshulpje te gaan werken, want dan kon oom Leen die toen ook nog in de zaak werkte, enkele weken op vakantie. Op zaterdag begon opa om 4.00 uur 's morgens. Doorgaans had hij er zin in en zong dan al vroeg de mooiste liederen. Dat varieerde van psalmen tot de onsterfelijke woorden van vader Cats: wie van worsten houdt en een weduwe trouwt, weet niet wat daarin is gedouwd. Het was zwaar werk. Met het klimmen der jaren haalde opa zijn oude apparatuur van vroeger van stal, zodra een van de elektrische apparaten het begaf. Ik verzeker u, dat het moeite kost om met behulp van een handmachine gehakt te draaien van vlees. Na veel en lang zwoegen had je een kilo bij elkaar en die was dan doorgaans in een mum van tijd verkocht, waarna de volgende hoeveelheid uit het apparaat moest worden geperst. 's Avonds had je geen gevoel meer in je armen. De winkel sloot zaterdags om 18.00 uur, maar dat betekende niet dat je op je lauweren kon gaan rusten. De hele winkel moest dan nog worden schoongemaakt. Rond acht uur 's avonds was de boel aan kant en dan ging opa in de zomeravond buiten zitten op de keukenstoel, met de rugleuning naar voren. Van lieverlee kwamen dan ook de andere winkeliers, zoals de bakker en de kruidenier bij hem op straat op een stoel of op het trottoir zitten, want doorgaand verkeer was er toen nog nauwelijks. Dan werden alle nieuwtjes en dorpsschandaaltjes besproken, al rokend en met een borreltje bij de hand. Een van die verhalen van opa stamde uit die moeilijke jaren dertig, toen er weinig verkocht werd omdat de mensen nauwelijks geld hadden voor vlees. Dat verhaal van die kindertjes, die om een pan kaantjes kwamen voor een stuiver en voor de hond, maar, zeiden ze er eens bij, moeder vraagt: niet zo aangebrand als de vorige keer, want dan lust vader ze niet. Hij kon daar steeds smakelijk om lachen.

5 reacties

Hoi.

Fijne zonnige vrijdag.

Groeten Eric.

ERIC221

28 December 2007 om 17:16

'k Zie het voor me,  de mannen zittend op hun stoel achterstevoren. en die verhalen. Tegenwoordig hebben ze op de kaai 'n praet'uusje'. Daar kan geen vorm van nieuwsgaring tegen op. En gelukkig maar dat er nog iemand is die alles noteert !

Groeten en fijn weekend, Jopie

Jopie Meerman

28 December 2007 om 17:20

Hallo archivaris, ik kwam je en hele fijne vrijdagavond toewensten.Groetjes.Gina
Ginatje

28 December 2007 om 17:54

Wat een mooi verhaal, Archivaris. In Biervliet hadden we een slagersvrouw, een weduwe, die de winkel runde en ook met de hand het gehakt draaide. Niks geen grote hopen voorgedraaid gehakt. Als je een onsje rundergehakt vroeg, woog ze een mooi biefstukje af en haalde dat ter plekke door de gehaktmolen. Als ze nú net zo met het vlees omgingen als toen, was ik misschien geen vegetariër geworden.....

Fijn weekend en groetjes van Tilly

Tuinfluiter

28 December 2007 om 18:05

Wat een herkenbaar verhaal. Mijn opa had een "winkel van Sinkel"en maakte dagen van 7.00 to 22.00. Hij was altijd opgewekt en floot.Hij had de bijnaam "Willem-fluit".Groeten Izerina
izerinalin

28 December 2007 om 18:37

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.