den archivaris

Welkom op mijn weblog

winter

2 reacties
De meteorologische winter is al vanaf 1 december aan de gang. De kalenderwinter begint op 21 december. Vanuit dat perspectief zou je kunnen zeggen, dat de winter nu, met wat nachtvorst en overdag lage temperaturen, een voorschotje neemt. Mijn generatie kan spreken over de winter van 1956, die in februari begon en vooral over die van 1963, toen althans aan de kust, de boel op stoom kwam (dat is een wat ongelukkige omschrijving voor sneeuw en vorst) in de Oudejaarsnacht, 31 december 1962, met een echte langdurige sneeuwstorm. Maar mijn moeder, van 1921, kan nog veel meer vertellen. Zij heeft bijvoorbeeld nog weet van de strenge winter van 1929, die overigens ook in februari begon. Toen vroor het zo hard, dat het nachtplasje in de pot bevroor. Niet zo'n wonder was dat. Centrale verwarming kende een gewoon huishouden toen nog niet. Haar vader was overigens geboren in de strenge winter van 1890. Wij gaan nu even naar de winter van 1690/1691. Dat was toen een wat zonderlinge tijd. Er heerste nogal wat onrust en onlust. Er vonden oproeren plaats. Had dat te maken met het klimaat? We weten het niet zeker. In de herfst stormde het vaak. Bovendien waren de temperaturen te hoog voor de tijd van het jaar. Onder de bevolking broeide het? Had dat te maken met het rookverbod, dat de overheid instelde? Het liep op dat punt de spuigaten uit. "Groot en klein, kinderen en wijven hebben daer smaek in", zodanig dat men volop op het werk rookte, maar ook op de openbare weg en dat gaf geen pas. Op 18 december 1690 woedde er een zware storm uit west en noordwest en daarna begon het op eerste Kerstdag te winteren. Rond de 29e dooide het even maar met de jaarwisseling was het weer mis. Het was toen erg mistig en in die tijd gold voor de winter: mist, vorst in de kist. Er brak een langdurige periode van vorstig weer aan. Dat had gevolgen voor de diensten met de trekschuit. De vaarten hadden algauw een ijsvloer waar niet doorheen viel te komen. Ze gingen uit de vaart. In de tijd die kwam, vroor het dan wel niet dat het kraakte en af en toe was er een dag van dooi, maar toch was het openbare leven behoorlijk ontregeld. Tot in maart was het vriezend weer, totdat opeens van de ene op de andere dag het weer omsloeg. Het werd heet. Er zijn kronieken die melden, dat jongens gingen zwemmen op plaatsen waar een week tevoren het ijs nog in de vaarten lag. En dat laatste vertelde mijn vader over de winter van 1946/1947. Waar eind maart nog ijs lag bij de Kaloot, zwommen hij en zijn vrienden al half april van dat jaar. Ook toen volgde net als in 1690/1691 een prachtige zomer op een strenge winter. Wat staat ons dit jaar te wachten? Wie het weet, mag het zeggen!  

2 reacties

Hoi.

Gelukkig weet niemand het weer te voorspellen, waar blijft anders de verrassing ?

Fijne zondagavond, en alvast een zonnige maandag.

Groeten Eric.

ERIC221

16 December 2007 om 19:10

Mooi zijn die verhalen en herinneringen. Ik weet nog,dat de auto's op de Brielse Maas reden.1956?.Gelukkig weten we niet wat er voor weer en veranderingen daarin gaan komen.
izerinalin

16 December 2007 om 19:24

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.