den archivaris

Welkom op mijn weblog

schoolperikelen

2 reacties
We lezen het de laatste tijd nogal eens in de PZC. Problemen met pas gebouwde zogenaamde brede scholen. Van klimaat dat niet deugt tot te klein bij de oplevering zodat schoolkinderen in de gang moeten leskrijgen. Maar dat allemaal haalt het niet bij de problemen, waarvoor meester Orlebeke zich in 1841 in de gemeente Kortgene gesteld zag. Hij was in 1833 enthousiast als onderwijzer begonnen in een schoolgebouw, waarvan al in 1826 was getuigd, dat het te klein, te laag en vooral te nat was. Steeds had hij pogingen in het werk gesteld zijn gemeentebestuur zover te krijgen dat het maatregelen nam, maar de dorps- (herstel) de stadselite daar hield het gewone volk kennelijk graag dom, want er gebeurde niets. Tussen haakjes: Kortgene is altijd een (smal)stad geweest. Hij begon in zijn brief van januari 1841 zijn meerderen te paaien. Hij dankte hartelijk voor de ontvangen gratificatie en ook de aanschaf van wat nieuwe schoolmeubelen en een dakvenster deed bij hem de overtuiging post vatten dat de gemeentebestuurders alle oog hadden voor de opvoeding van de jeugd in de gemeente, Maar....... hij moest er echt weer eens op wijzen hoe slecht het met het gebouw gesteld was. Dat dakvenster bijvoorbeeld zorgde alleen maar voor vals licht en het lekte bij regen als een zeef. De ramen van de school zelf konden alleen maar schuiven. Het waren geen tuimelramen. 's Zomers ging het allemaal wel. Maar in de herfst en winter was het andere koek. Openzetten om de stinklucht eruit te laten ging niet. Bij hevige regenval lekten de ramen door en wanneer het hard woei, dan tochtte het van jewelste. Liet men de ramen maar gesloten, dan had iedereen na een half uurtje zware hoofdpijn. Verder was de vloer van het gebouw lager dan de omringende straten, zodat men niet verbaasd moest staan dat de kinderen en hijzelf bij zware regenval op zeker moment met de voeten in het water zaten in de klas. De vloer was verder niet van hout of steen, maar gewoon van klei. Was er voldoende water op de vloer, dan hadden de kinderen grote pret. Er werd dan letterlijk met modder gegooid door de klas. 's Winters was er te weinig licht in het gebouw en dan werden na drie uur, wanneer het al donker begon te worden, de katjes behoorlijk in het donker geknepen. Het had dan eigenlijk geen zin meer om les te geven. Het werd daarom de hoogste tijd, dat het gemeentebestuur zou besluiten tot de bouw van een nieuwe school. Dat was nodig om de doelstelling van onze onderwijzer mogelijk te maken, nl. "nuttige burgers voor Kerk en Staat te vormen." Het moet worden gezegd, het gemeentebestuur besloot tot de bouw van een nieuwe school, maar niet op instigatie van de onderwijzer, want dat was maar een medewerker. Nee, de onderwijsinspecteur en het provinciebestuur zetten druk op de ketel. Kortgene kon een nieuw gebouw niet alleen betalen. Daarom klopte het aan bij het ambacht Rhoon, Pendrecht en Kortgene en dat bleek bereid de helpende hand te bieden. In 1846 kon er een nieuw gebouw worden gesticht, ook al omdat de provincie eveneens bereid was om een duit in het zakje te doen.

2 reacties

Trui[tjes] Perikelen

13 December 2007 om 15:43

Bij ons wordt ook veel met modder gesmeten, maar dat is meer figuurlijk dan. grtjs
Lizdog

13 December 2007 om 17:31

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.