den archivaris

Welkom op mijn weblog

dierenmishandeling

0 reacties
Op 15 april 1876 vervoegde zich Jannetje Clarisse - de Pree bij de commandant van de marechaussee te Aardenburg met de klacht dat haar kat verdwenen was. Haar dochtertje had verteld dat de tienjarige Hugo Moggre het beest had doodgeslagen, het had gevild en zowel vel als kattenresten in het varkenshok had opgehangen. Het beest had nogal gekrijst en geschreeuwd. Het kostte nogal moeite om de ware toedracht te achterhalen. Een groot aantal kinderen had het van horen zeggen. De tienjarige Piet van den Berg wist te vertellen dat Hugo Moggre met Jacon Horlebeke op het erf van de weduwe Horlebeke, die naast de familie Clarisse woonde, aan het spelen waren toen het katje langs kwam. Higo greep het beestje en sloeg het met zijn klomp dood. Hugo had twee messen bij zich, vilde het beest en hing de resten lachend op in het varkenskot. De messen verstopte hij onder de pannen van het varkenshok. De jongen wist nog te vertellen dat Hugo een echte kattenmepper was. Het katje van de smid was op dezelfde wijze behandeld. Bij het onderzoek in het varkenskot kwamen drie kattenvellen te voorschijn, reden voor de marechaussee om Hugo Moggre eens aan de tand te voelen. Die ontkende glashard. Ook zijn vader, barbier en omroeper van Aardenburg, vertelde van niets te weten. De hem getoonde messen waren niet zijn eigendom. De marechaussee twijfelde aan het verhaal van beiden, maar kon niets bewijzen. De kunst van het afnemen van vingerafdrukken bestond nu eenmaal nog niet. De messen werden zekerheidshalve maar in beslag genomen. Of de barbier-omroeper zoonlief nog een pak slaag gegeven heeft, vermeldt deze kleine historie niet. 

0 reacties

- Er zijn nog geen reacties geplaatst.



Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.