den archivaris

Welkom op mijn weblog

nog meer narigheid

1 reactie

Een jaar later, op 26 augustus 1888, was het wederom raak. Ditmaal op grondgebied van de gemeente Yerseke, maar niet zo ver van Kruiningen. Op die zondag werd de vrouw van C. Meijaard, die woonde in een huisje aan de Grintweg tussen beide dorpen, gruwelijk vermoord. Naast berichten in de krant greep men weer naar het middel van een drukwerkje, dat voor een cent gekocht kon worden. Het op rijm gezette verhaal werd gedrukt voor rekening van N. van Rijk, over wie we verder geen gegevens hebben. De aanhef was lang en luidde: Een afschuwelijke moord gepleegd aan de vrouw van C. Meijaard wonende onder de gemeente Ierseke tusschen 2 en 4 uren op den 26 Augustus 1888 aan den grindweg tusschen de Gemeente Ierseke en het station Kruiningen. Het dichtwerk (nieuw lied op nieuwe wijs) begon als volgt: Kom vrienden hoort wat ik U zal vermelden/ wat heden Zondag weder is geschied/ zooals Couranten met waarheid ons vertelden/ al van dien moord op Ierseke's grondgebied.Terwijl de man en kinderen kerkwaarts waren/ en zij alleen thans in haar woning was/ werd zij ontmenscht en vreeslijk aangevallen/ en werd oor haren moordenaar verrast. Het hoofd van de vrouw was links en rechts beurs geslagen. Haar buik was zwaar gewond door steken van een mestvork en een spa, die men vlak bij aantrof. De moordenaar had het lijk opgetild en in de etensbak van de stier gelegd om de aandacht te vestigen op de stier, die de vrouw zou hebben verwond. In het huis ontvreemde de moordenaar nog een bedrag van zeventig gulden. De oudste zoon trof zijn dode moeder aan, toen hij thuisgekomen was uit de kerk. Maar toen het geldbedrag gemist werd, begreep men natuurlijk dat de stier de vrouw nooit zo gruwelijk vermoord kon hebben. De verdenking rees tegen de zwager van de vrouw, die bij navraag tijdens de kerkdienst bij de vrouw over de vloer was geweest. De laatste strofe ging gepaard met een ernstige vermaning. Zoo hebben wij deez' moord alweer vernomen/ dat 't menig mensch tot eenen spiegel zij/ och, laat ons allen goed daarover denken/ dat niemand weet het eindperk van zijn tijd/ ook niet het einde van zijn kostbaar leven/ veel minder wat hij doen of laten zal/ want God is de Bestuurder van ons leven/wie weet wat ons noch wedervaren zal.   

In het begin van de twintigste eeuw zou een moordzaak in Yerseke nog tot grotere commotie leiden. Die vond plaats in de periode dat ds Kersten predikant in Zeeuws Klondike was. De moord vond plaats in de kring van zijn kerkelijke gemeente.  Jarenlang was het onmogelijk om daarover in Yerseke te spreken. Of er nu nog mensen zijn, die daarvan weet hebben, is niet bekend. Voor de goede orde: Ds Kersten trof geen blaam.

1 reactie

Wat 'n ieselukke verhaelen !!
En dominee Kersten was en is ook in Tholen geen onbekende. Ik herken het gedrag van zijn aanhangers.

gr. Jopie

Jopie Meerman

13 October 2016 om 16:37

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.