den archivaris

Welkom op mijn weblog

mooie tijden

0 reacties
Vroeger was alles beter. Dat zegt toen iedereen, die vroeger heeft meegemaakt. Daar valt veel op af te dingen. Misschien was het vroeger, zo voor de Tweede Wereldoorlog vooral wat rustiger. Maar beter? In de periode 1900-1920 bijvoorbeeld waren onderwijzers en onderwijzeressen opvallend vaak ziek. Overspannen. Waardoor? Dat weten we helaas niet. Vroeger moest de gewone man of die nu op het land werkte of in de fabriek zich te barsten werken, tegen een laag loon. Altijd zorgen. Altijd de vraag: hoe krijg ik al die kindermonden gevuld. Vaak met boterhammen met tevredenheid. Vroeger kon je lachen, dat is ook een bekende uitspraak. Natuurlijk kon je vroeger lachen, maar vandaag de dag krijg je het amusement in de schoot geworpen. Je hebt volop keus. Bijna heel Nederland is op dit moment cabaretier. Vaak is dat opkomen, blinken en verzinken, maar toch. Alles is erop gericht om je te laten lachen. We eten met mes en vork allemaal van het eigen bord. Vroeger was dat anders. Met je lepel in de eenpansmaaltijd, die dampend op tafel werd gezet. Woonde je in een groot gezin, dan was het tijd om die lepel zo snel mogelijk in de pan te planten, want die was zo leeg. Jan de Vos uit Kortgene woonde echter alleen met zijn vrouw. Ze hadden een commensaal die bij hen inwoonde en met hen mee-at. Een pan op tafel, alledrie met de lepel erin en maar happen. De Vos merkte vol verbazing na een hap op: ik ebbe een been in mien mond. Zuurmond, zo heette de kostganger, antwoordde met volle mond: Da's mien puupe, spoeg me trug. Om vroeger kun je lachen.

0 reacties

- Er zijn nog geen reacties geplaatst.



Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.