den archivaris

Welkom op mijn weblog

drooglegging Aardenburg

1 reactie
In een van mijn vorige stukjes behandelde ik de vrome drift van de kerkenraad te Borssele om het drinken op zondagen te verbieden, waarbij het kerkbestuur feitelijk bakzeil haalde. In 1681 deden de vrome broeders in Aardenburg van zich spreken. Ook zij spraken zich uit over het uit de hand lopende drankgebruik in die stad en kregen daarbij zowaar het stadsbestuur achter zich. Talloze groffelickheden en schandeleusigheden vonden plaats op zondag, zelfs tijdens het uitspreken van de preek door de dominees. Daaraan moest een halt worden toegeroepen. Niemand mocht meer zijn beroep uitoefenen op die dag. Herbergiers, brandewijnverkopers en wijnverkopers mochten hun zaak niet opendoen, nog minder een glaasje tappen aan al dan niet argeloze voorbijgangers. Deden ze het wel, dan zouden ze hun vergunning verliezen. Ouders zouden verantwoordelijk worden gehouden voor de daden van hun kinderen. De bovenlaag van de samenleving die er dienstmeisjes en huisknechten op na hielden, waren verantwoordelijk voor hun personeel. Bij wijze van spreken mochten de koeien op zondag nog niet loeien, zo streng was het gebod. De Aardenburgse predikanten zullen er gelukkig mee zijn geweest. In de praktijk kwam er van de handhaving van dat gebod helemaal niets terecht. We;;icht dat er de eerste zondagen na de afkondiging van het gebod op besmuikte wijze op die dagen werd gedronken, een paar maanden later was het weer net zo als voor de invoering ervan. De stedelijke overheid was willens en wetens een papieren tijger in dit geval.  

1 reactie

We kunnen het nog niet laten, dat vermanende vingertje!

Groeten Jopie

Jopie Meerman

19 January 2009 om 19:16

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.