Columns met een glimlach

Verhalen en ontboezemingen die ironisch bedoeld zijn

503. Tegenwindfietsen

1 reactie

Alweer in de top-10. Tijdens het NK tegenwindfietsen volbracht mijn oud-leerling Jan de Jager uit Wolphaartsdijk deze unieke prestatie. Voor deze wedstrijd is vooraf geen datum aan te wijzen. We moeten simpelweg wachten op de storm. Een beetje vergelijkbaar met rokjesdag: dan is het wachten op mooi weer.

Gelukkig voor de organisatie kwam de storm Ciara er aan en de windkracht èn de windrichting werkten perfect samen.

Ook in West-Europa mogen de stormen vanaf dit jaar een naam hebben. Het verschil met andere werelddelen is dat er beurtelings een vrouwennaam èn een mannennaam bedacht worden. De beginletters volgen wel het alfabet.

De volgende namen zijn gereserveerd voor de stormen in West-Europa vanaf herfst 2019: Atiyah, Brendan, Ciara, Dennis, Ellen, Francis, Gerda, Hugh, Iris, Jan, Kitty, Liam, Maura, Noah, Olivia, Piet, Róisin, Samir, Tara, Vince en Willow. De letters Q, U, X, Y en Z worden niet gebruikt. De namen met de letters J en P zijn duidelijk door ons eigen KNMI uitgekozen.

 

Op een gewone fiets tegen een storm ploeteren is vergelijkbaar met een heuvel opfietsen met een groot hellingspercentage. Met beide activiteiten heb ik ruime ervaring. Tegen de wind fietsen, daar ben je Zeeuw voor geworden. Omhoog fietsen heb ik veel gedaan. In de Vlaamse Ardennen, in Zuid-Limburg, in Zwitserland. Soms in m'n ééntje, soms met mijn echtgenote, soms met één van mijn dochters en later ook met mijn (aanstaande) schoonzonen.

 

Enkele "klimverhalen".

De Oude Kwaremont in België is een serieuze helling, eerst asfalt, later kasseien. Een relatief lange helling. En als je denkt dat je boven bent, bij het dorpje, dan volgt er nog een stuk zogenaamd "vals plat". Het woord "vals" is goed gekozen. Je denkt dat je vlak rijdt, maar toch niet. Mijn eerste stuk vals plat was in Zuid-Limburg. Ik was bovenaan een helling en dacht dat ik de benen nu wel stil kon houden, omdat het leek alsof de weg weer naar beneden ging. Nee, dus. Ik stond gelijk stil op de "uitloper" van de Gulpenerberg.

 

Het omgekeerde kan ook. Ik noem dat "vriendelijk plat". Bij mijn meerdaagse fietstocht van Roermond langs de Roer (later de Rur) kwam ik in de buurt van de bron in het Duitse Monschau. Van daaruit klom ik steil vanuit het Rurtal naar de Hoge Venen. Boven aangekomen kon ik ongeveer 15 km de benen stilhouden. De weg naar het Belgische Eupen liep langzaam omlaag. Dit was dus een geval van "vriendelijk plat".

 

De hellingen Paterberg en Berendries lijken in zoverre op elkaar, dat ze redelijk rustig beginnen, maar dat het hellingspercentage halverwege plotseling sterk oploopt. Het verschil: de Paterberg bestaat uit kasseitjes en de Berendries is asfalt. Geen onbelangrijk verschil.

 

De Taaienberg is ook een zware jongen, vandaar die naam. Gelukkig is er een gootje aan de zijkant zodat je die vervelende kasseien kunt vermijden.

Eenzelfde gootje bevindt zich in de supersteile Koppenberg in de buurt van Oudenaarde (zie foto). Tijdens de Ronde van Vlaanderen zijn die gootjes bezet door dranghekken en moeten de renners noodgedwongen kiezen voor de kasseien.

 

Mijn echtgenote houdt niet zo van klimmen. Daarom koos ik wat lichtere hellingen uit tijdens onze fietstocht langs de Belgische Zwalm. Toch besloot ze halverwege af te stappen en te voet verder te gaan. Dit moment heb ik op de foto vastgelegd. Om een beetje te plagen heb ik deze foto voorzien van onderschrift: Sylvia* "beklimt" de Leberg (* vanwege privacy-redenen is deze voornaam gefingeerd; de echte voornaam is bij de schrijver van deze column bekend).

 

Vanaf die tijd hebben we tijdens onze fietsvakanties talloze riviertjes gevolgd, vooral in Duitsland. Dan hoef je namelijk niet te klimmen.

 

Terug naar de Vlaamse Ardennen. Aan de Molenberg, bij Sint-Denijs-Boekel, zit ook een verhaal. Het begin is steil en er liggen kasseien. De laatste keer werd ik geholpen door een hond. Op het eerste steile stuk probeerde dit grommende ondier om een stuk uit mijn rechterkuit te bijten. Spontaan heb ik toen een extra dosis adrenaline aangemaakt. Ik heb nog nooit zo snel de Molenberg beklommen, de hond teleurgesteld achterlatend.

 

De beroemde Muur van Geraardsbergen begint vanaf de brug over de Dender, steil omhoog naar de Markt waar, volgens de inwoners, de enige echte Manneke Pis van België staat. Daarna verder omhoog naar de Veste. Daar linksaf, even uitblazen op het vlakke stuk, dan twee keer rechts en daar begint de hel. Heel steil (20%) en lastige kasseitjes. Boven bij het café Hemelrijk (wat een toepasselijke naam!!) denk je dat je er bent. Je gedachten gaan al uit naar een verfrissende trappist op het uitzichtterras, maar nee, dat gaat niet door. Je moet nog even rechtsaf, scherp omhoog, om langs de kapel te fietsen. Daarna mag je afzakken naar het café om alsnog die versnapering te bestellen. Prachtig uitzicht over Geraardsbergen en de Dendervallei.

 

In het zuidwestelijk Vlaamse heuvelland ligt de Kemmelberg die plotseling, zonder aankondiging, van 10% naar 17% klimt, met hele vervelende kasseitjes.

 

Tot slot nog een stukje Zwitserland. Mijn hoogste solofietstocht was die van Interlaken (550 m) naar Grosse Scheidegg (1950 m). Aan de andere kant van de pas steil naar beneden richting Meiringen (600 m). Benen stilhouden en continu bijremmen om niet uit de bochten te vliegen. Heel spannend, maar ook heel leuk. En dat alles zonder wielerhelm. Niet erg verstandig bedenk ik me achteraf...

 

1 reactie

Een mooi verslag vol met namen waarvan we binnenkort weer volop kunnen genieten bij de Vlaamse Klassiekers. Dat wordt weer stoempen!

Toos van Holstein

26 February 2020 om 11:59

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.