Columns met een glimlach

Verhalen en ontboezemingen die ironisch bedoeld zijn

457. De verzamelde werken van Godfried Bomans

1 reactie

Het was weer feest deze week. De bedoeling was dat ik een afdeling in onze boekenkast zou opschonen. Nou, dat is er niet echt van gekomen. Het opschonen beperkte zich tot het verwijderen van de stoflaag met behulp van een simpel kwastje. Even later was ik verdiept in één van de 7 lijvige delen van de verzamelde werken van Godfried Bomans.

Mijn grote favoriet. Nee, deze boeken gaan niet weg. De 20-delige Winkler Prins encyclopedie mogen ze wat mij betreft komen halen, maar de Bomans-verzameling die blijft !!!

 

Een korte bloemlezing uit zijn werken wil ik u niet onthouden.

Het volgende rijmpje was ter ere van een jonge, aantrekkelijke vrouwelijke collega van Godfried:

"Niet ranker rijzen ginds in Rome

De zuilen der Sint Pieterskerk

Dan, stil aanbeden juffrouw Oomen

Uw onvergetelijk benenwerk"

 

Over benen gesproken. De volgende anekdote is waar gebeurd. Over Marlène Dietrich zei Godfried ooit zuchtend:

"Had mijn vrouw maar één zo'n been"

Godfried had Marlène ontmoet op het Grand Gala du Disque in 1963, maar toen droeg ze een hele lange jurk (zie foto), dus hoe kon de heer Bomans weten dat zij extreem mooie benen had? Dit is een zeer twijfelachtige situatie en in die tijd was er ook nog geen #metoo. Wat heeft Godfried toen voor stouts gedaan om de benen van Marlène te kunnen beoordelen? We kunnen er alleen maar naar gissen.

 

De volgende one-liners zijn ook van zijn hand:

"Veel mensen danken hun goede geweten aan hun slechte geheugen" (dat is een denkertje)

"Een man is als een koning, hij aarzelt tussen vrouw en aas" (met een knipoog naar het kaartspel)

"Een statisticus waadde vol vertrouwen door een rivier, die gemiddeld één meter diep was; hij verdronk" (eigenlijk is dit pure wiskunde)

 

En dan dit schitterende rijmpje:

"Ik zit mij voor het vensterraam

Onnoemelijk te vervelen

Ik wou dat ik twee hondjes was

Dan kon ik samen spelen"

 

Bomans verhaalde hoe hij samen met zijn drie broers voor het eerst aan carnaval meedeed, samen verkleed als één olifant en elk gestationeerd in één poot. Tijdens het onvermijdelijke oponthoud op een podium hadden de gebroeders Bomans een tafeltje in de buik bevestigd, waarop zij dan klaverjasten. Volgens Bomans was het bovendien als jongste broer zijn taak om, vlak bij het achtereind gezeten, af en toe een gehaktbal door dit eind naar buiten te werpen om een realistisch effect te bereiken. De olifant moet mede daardoor enorme indruk op het publiek gemaakt hebben.

 

Bekend zijn ook de vele Sinterklaasverhalen. Hij had zelf ook een aantal keren voor Sint-Nicolaas gespeeld o.a. in Enkhuizen en in Nijmegen.

Het exacte verhaal dat ik aan u kwijt wil is nogal omvangrijk. Daarom een korte samenvatting:

"Sinterklaas zou arriveren aan de Waalkade te Nijmegen. De roeiboot (er was dat jaar geen geld voor een stoomboot) startte in Lent, aan de Noordzijde van de Waal. Aan de overzijde, op de Nijmeegse Waalkade hadden zich duizenden gelovige kindertjes verzameld, zwaaiend met vlaggetjes. Een kwestie van recht oversteken. Wuivend stond de goedheiligman op de voorplecht. De kindertjes op de Waalkade stonden enthousiast te zingen. Eén ding had de roeier over het hoofd gezien. De Waal is best een snelstromende rivier en de roeiboot begon af te drijven. De wachtende kindertjes zagen het gevaar en begonnen steeds harder te zingen. Met één verschil: ZIE GINDS KOMT DE STOOMBOOT veranderde na enige tijd in ZIE GINDS GAAT DE ROEIBOOT (dit laatste grapje is níet van Godfried...). Uiteindelijk kwam de roeiboot bij Druten in het riet tot stilstand. Zo'n 15 kilometer stroomafwaarts..."

 

Een ander mooi verhaal is zijn serieuze zoektocht naar de verblijfplaats van Sint-Nicolaas in Spanje. Hij begon zijn zoektocht in Den Haag bij Buitenlandse zaken tesamen met de ambtenaar achter loket 7. Samen met de ambtenaar doorzocht hij het telefoonboek. Het was een hele uitzoekerij. Niet bij de S van Sint, niet bij de N van Nicolaas, niet bij de K van Kapoentje, maar wèl bij de H van Heilige Nicolaas, kindervriend en makelaar in speelgoederen, 5-Decemberplein, Madrid-Oost. Gevonden en ook maar meteen een afspraak gemaakt. Bomans ging met het vliegtuig naar Spanje voor een volledig interview. Prachtig verhaal is dat geworden. Sinterklaas was in zijn vrijetijdskleding. "Je denkt toch niet dat ik het hele jaar in dat apepakkie blijf rondlopen?" was zijn commentaar.

 

In een ander verhaal had Godfried zich aangesloten bij een hengelvereniging. Hij had zich tot in de puntjes voorbereid. Op een zaterdagmiddag hadden alle leden zich verzameld aan een riviertje in het Groene Hart. De hengel van Godfried was ietwat aan de lange kant. Zodanig dat zijn vistuig regelmatig vast kwam te zitten in het riet aan de overkant. Dan liet hij zich per roeiboot overvaren om de zaak weer los te maken. Na een aantal van dit soort voorvallen nam de voorzitter Godfried apart: "Misschien is het beter dat meneer zich opgeeft bij een roeivereniging"

 

Of dat verhaal van die brandmeester die er zijn behagen in schiep om de belendende percelen (brandweerjargon voor "de huizen ernaast") met een fikse waterstraal omver te spuiten. Het brandende pand in het midden was slechts bijzaak. Totale onzin, maar wèl hele leuke onzin.

Het verhaal over het bezoek aan een 100-jarige, deze keer onverkort: ,,Is vader thuis?" vroeg ik aan het oude mannetje, dat opendeed. Hij knikte, en liet mij in een kamertje waar een nóg ouder mannetje zat, dat al bijna dood was. Haastig rukte ik een spreekhoorn van de wand en schreeuwde in zijn oor: ,,Wel gefeliciteerd!" ,,U bent abuis', zei de oude man met doffe stem, ,,vader is boven". Ik vloog de trap op, want ik begreep dat het nu een kwestie van seconden was. Daar hing de honderdjarige aan de touwen: hij was bezig een vogelnestje te maken. Ik kroop bijna in zijn oor en gilde: ,,Wel gefeliciteerd!!' De jubilaris schudde het hoofd, maakte een dubbele salto en sprong op de grond. ,,Ik ben niet doof", zei hij, zijn jas aantrekkend, ,,ik ben alleen maar oud"

In de vijfde klas van de HBS wilde ik het boekje Pieter Bas van Bomans op mijn literatuurlijst zetten. Niet zo'n dik boekje gelukkig, maar toch de moeite waard en van een bekende auteur. Mijn enigszins elitaire docent Nederlands glimlachte neerbuigend bij dit onzalige idee en zei: "Alleen echte literatuur graag". Dit is helaas niet zo'n leuke herinnering.

Bomans kwam ook veelvuldig op TV. Als tafelgast, bij een quiz of in eigen programma's, die voornamelijk over reizen gingen. Een spiekbriefje had hij nooit nodig. Al zijn conversatie was 100% voor de vuist weg.

Ik ben ervan overtuigd dat hij de overwinningsspeech van Thierry Baudet over de uil van Minerva en de boreale wereld, zonder voorbereiding, uit het hoofd had kunnen declameren. Pure oikofobie.

1 reactie

Hij is echt onvergetelijk en onverbeterlijk, die Bomans. Hetzelfde zou mij trouwens ook kunnen overkomen bij het ver en opschonen van mijn boekenkast. Verdwalen in de boeken daarin. Wat betreft je vraag over de ISBN-nummers van mijn boeken. Het eerste boek is dat grote boek Toos van Holstein deel I geweest. Of het in de bibliotheek is te vinden? Ik zou 't echt niet meer weten. De andere nummers hebben betrekking op brochures van 36 pagina's die bij verschillende speciale exposities van mij zijn verschenen. Die staan vast niet in de bibliotheek, maar ik heb ze wel in mijn atelier.

Toos van Holstein

01 April 2019 om 13:33

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.