Columns met een glimlach

Verhalen en ontboezemingen die ironisch bedoeld zijn

183. Sinterklaasviering

1 reactie

Zo, dat was het dan. De laatste sinterklaasviering in familiekring met tenminste één gelovige in ons midden. Mijn kleindochter werd dit jaar al gekweld door hevige twijfels. Bestaat ie nou niet, of bestaat ie nou wèl? Ze heeft nu nog precies 362 dagen om er achter te komen dat ze jarenlang in de maling is genomen en dat lijkt me voldoende voor haar om 5 december 2014 op een hele andere manier te benaderen. Voor haar oudere broertje was de ontluistering destijds veel minder groot. Dat kwam vanwege de belangrijke functie die hij onmiddellijk na het demasqué mocht bekleden: van nu af aan moest hij de schijn ophouden voor zijn zusje, want die geloofde nog wèl. Spannend om zo'n geheim te delen, om het rollenspel mee te spelen, om keihard de sinterklaasliedjes mee te zingen, om je mond niet voorbij te praten. Wat ben je dan plotseling belangrijk.

Maar dat arme meisje moet het trauma van jarenlang voorgelogen te zijn helemaal in haar ééntje verwerken.

Ik heb ook een grote bewondering voor de groepsleerkracht van groep 4 van de basisschool. Speciaal voor de ouderen onder ons vertaal ik de onderstreepte woorden even: de meester of juffrouw van de tweede klas van de lagere school.

In groep 4 zitten de "twijfelaars". Ik geef het je te doen als leerkracht. Ondanks het volgen van de bijscholingscursus "Omgaan met verschillen" ben je toch niet voldoende voorbereid op deze bijzondere ingewikkelde situatie. Je klas is op sinterklaasgebied ingedeeld in 3 groepen: de gelovigen, de ongelovigen en de twijfelaars. En tot overmaat van ramp verandert de samenstelling van deze 3 groepen elke dag opnieuw. Hoe moet je daarop reageren? Met wie moet je meepraten? Wat doe je met al te rechtstreekse vragen over dit thema?

- Zijn er ook hulpsinterklazen?

- Hoe kan de Sint al die kindjes onthouden?

- Is het niet gevaarlijk op het dak met al die zonnepanelen?

- Waarom zijn de Pieten zwart?

En dan de vraag der vragen:

- Bestaat hij wel echt?

Al deze problemen komen bovenop de dingen die een groepsleerkracht beroepshalve in het takenpakket heeft zitten. Is het een idee om hem of haar een sinterklaas-bonus te geven, niet in de vorm van een chocoladeletter, maar een extra geldelijke beloning voor de geleden stress.

 

We gaan terug naar het sinterklaasfeestje. Waar het gebonk op de voordeur, zoals elk jaar, werd verzorgd door een bereidwillige buurvrouw. Wat een teleurstelling dit jaar. Geen jute zak met inhoud, maar slechts een briefje met de melding dat de cadeautjes dit jaar door (Zwarte) Piet in de schuur achterin de tuin waren bezorgd. Als een kudde op hol geslagen bizons haastte de jeugd zich naar het schuurtje en even later werden er 3 (!!!) jute zakken het huis binnen gesleept. De tijd dat alle cadeautjes in één jute zak pasten ligt inmiddels ver achter ons.

Als na het uitpakken der cadeautjes en na het voorlezen van de gedichten de enige gelovige onder ons zich heeft teruggetrokken op haar kamer om met haar splinternieuwe Lego te gaan spelen, is het tijd voor de overigen om er via combineren en deduceren achter te komen wie wie had bij het lootjestrekken via www.lootjestrekken.nl. Ook de tijd van "live" lootjestrekken uit een zakje ligt achter ons. Vanwege logistieke problemen met afstanden en zo, doe je dit al jarenlang digitaal.

 

Onwillekeurig moet ik op zo'n avond wel eens terugdenken aan vroeger, toen ikzelf nog geloofde in de goedheiligman. We hebben het over de jaren rond 1950.

Ik denk terug aan mijn tante Mina. Zij was strooiverslaafd. Nu zet MSWord onmiddellijk een rood streepje onder dat woord, maar dat is onterecht. Ze was dusdanig strooiverslaafd, dat ze zich elk jaar, op een avond vóór het heerlijk avondje, bij ons thuis meldde met een zak vol pepernoten. Het scenario was elk jaar hetzelfde. De kracht waarmee ze zich aankondigde door keihard op de deur te bonzen, terwijl het liedje toch heet "Daar wordt aan de deur geklopt". De deur ging op een kiertje en er verscheen een zwart gehandschoende hand vol pepernoten, die met kracht de ruimte ingestuurd werden. Ook hier hield Mina zich niet aan het liedje:

"En strooi dan wat lekkers, in één of andere hoek". Nee, bij haar vlogen de eetbare projectielen kriskras door de ruimte, dus zeker niet in één of andere hoek. Na korte tijd, toen mijn broertje en ik alle pepernoten verzameld hadden en toen mijn moeder de laatste resten gebroken porselein met blik en veger van de eettafel had verwijderd, verscheen tante Mina in de deuropening, deze keer zonder handschoen, met de jaarlijkse mededeling: "Je raadt nooit wie ik tegen ben gekomen".

 

Een andere herinnering stamt uit diezelfde tijd. Een week vóór het echte sinterklaasfeest mochten we voor het eerst onze schoen zetten, compleet met een wortel voor het paard. En jawel, de volgende morgen lag daar de chocolademuis, verpakt in zilverpapier. Een vriendje uit de buurt was beter af. Als vóór-cadeau lag er bij hem in de week voorafgaande aan 5 december, een legpuzzel, een meccanodoos, een raceauto, een elektrische trein, een jongensboek. Zeker geen chocolademuis. Vol onbegrip nam ik kennis van deze oneerlijke situatie. Was ik dan toch niet zo braaf geweest dat jaar? Zonder het te beseffen was ik in 1950 voor het eerst getuige van een ernstige vorm van "klassenongelijkheid". De vader van dit vriendje had een hele belangrijke functie bij de Twentsche Bank, vandaar al die mooie cadeautjes.


Ik heb nog overwogen om de Sint een brief te schrijven met een opsomming van alle wandaden die het bankierszoontje het afgelopen jaar op zijn kerfstok had, maar op de één of andere manier is dat er niet van gekomen. Of ik wist de naam van de Madrileense straat niet, of ik wist niet met welke postzegel ik moest frankeren.

Toen ik mijn ouders op de hoogte stelde van deze willekeur van de goedheiligman gebeurde er iets opvallends. Mede door het nog enthousiaster zingen van de verplichte sinterklaasliederen, mede dankzij het feit dat ik deze keer 2 wortels voor het paard had klaargelegd, lag er de volgende morgen iets heel anders in mijn schoen. Geen chocolademuis dit keer. Nee, het werd een kikker. Van chocolade. Met een zilverpapiertje erom.

 

Zo, dit trauma heb ik van me af geschreven. dat werd tijd.

 

En volgend jaar? Wat gaan we doen? Gaan we met surprises werken? Schuiven we door naar de Kerst? Stiekem hoop ik dat mijn kleindochter, half november 2014, onder druk van de omstandigheden, weer toetreedt tot het groepje van gelovigen. En dat zou zo maar kunnen...

 

 

 

 

 

 

1 reactie

Hoi Han,


Wat een bekend voorkomend verhaal. Sint was inderdaad niet voor gelijke rechten. De ene kreeg een op afstand bestuurbare auto, ik kreeg iets waar ik zeker niet om had gevraagd. Maar een trauma, nee!! Ik heb het Sinterklaasfeest altijd met plezier beleefd. Eigenlijk werd het leuker, nadat ik wist dat het een "hoax" was. De concurrentiestrijd verdween en veranderde in een samenzijn, zonder de inhoud van het cadeau. Het maken van een surprise, het schrijven van een gedicht.... En dit hebben we volgehouden, met het trekken van loten, tot ik in de twintig was. En je weet dat ik techniekles geef op het basis onderwijs, dit varieert van groep 5 t/m 8. En ook in groep 5 moet je oppassen. Ook daar zitten non onwetenden. En zoals je aangaf: dit is voor docenten soms best moeilijk. Je kunt niet hardop zeggen: Sinterklaas bestaat wel,of, dat mag je niet zeggen. In beide gevallen bevestig je de uitspraak van iemand die het wel al begrepen heeft.


En strooi dan wat lekkers, in één of andere hoek. Doet me denken aan het Sinterklaasverhaal van Toon Hermans.

Groeten D.V.

P.s. Die vader van de Twentse Bank zou nu naar de ruilwinkel moeten.

Dutch Vinnie

10 December 2013 om 17:04

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.