Columns met een glimlach

Verhalen en ontboezemingen die ironisch bedoeld zijn

97. Viltstiften en flappen

1 reactie

Het begon voor mij al op 12-jarige leeftijd: een vormingsweek. Geen idee wat het inhield. Ik denk dat de uiteindelijke bedoeling was om je klasgenootjes op een andere manier te leren kennen. Vandaar al die ongewone spelletjes en opdrachten. Hier heb ik meegedaan aan mijn eerste "rollenspel", er zouden er nog vele volgen. Op een avond werden we met een groepje in een busje geladen en ergens uitgeladen op een landweggetje in het pikke(n)donker. Het busje reed weg. Zoek het verder zelf maar uit. Er was zelfs een woord bedacht voor deze vorm van kindermishandeling: een dropping. Het bleek een milde vorm van de latere survival.

Een ander nieuw woord: corvee. Thuis was je gewend dat je werd geroepen als het warm eten op tafel stond. In dit conferentieoord zaten we met z'n allen in een grote kring aardappelen te schillen, dit alles in een lacherige sfeer. Na het eten volgde een enorme afwas, die hadden ze ook voor ons bewaard. Er waren in die tijd nog geen vaatwassers. Aan het percentage gebroken aardewerk was af te meten dat ook mijn klasgenootjes zeer onwennig waren in het corveeën. Na deze vormingsweek waren we geestelijk compleet misvormd.

 

Veel later, toen ik in het onderwijs beland was, waren er ook van dit soort bijeenkomsten. Bijscholingscursussen, cursussen teambuilding, soms in één middag geperst, soms uitgesmeerd over meerdere dagen. De mooie titels vlogen je om de oren: "omgaan met conflicten", "collegialiteit in het onderwijs", "omgaan met verschillen". Die laatste titel is toevallig heel actueel, nu Marja van Bijsterveldt de zogenaamde rugzakjes van probleemleerlingen wil afschaffen. Van veel van deze bijeenkomsten heb ik een heus certificaat ontvangen, inmiddels zo groot in aantal dat ik hiermee een middelgroot kamertje zou kunnen behangen.

 

De cursussen zien er ongeveer allemaal hetzelfde uit. Een cursusleidster praat anderhalf uur frontaal op je in. Met frontaal bedoel ik: vóór de groep. Iets wat wij in het onderwijs toen al niet meer mochten. Na een sterke kop koffie, tegen het wegdutten, komen de viltstiften en de flappen. Geheel volgens het GROW-model worden alle opmerkingen uit de groep, van zinvol tot stupide, op een grote papieren flap gekalkt. U kent het begrip GROW?

Goal, Results, Opportunities, Weaknesses. (Doel, Resultaten, Kansen, Bedreigingen).

De dame neemt iedereen serieus en in een mum van tijd is de flap vol. Volgende flap. Alles wordt genoteerd. Ordelijk? Nou, nee, niet echt.

Als je aan de cursusleidster een moeilijke vraag stelt, dan is het antwoord: "Wat denk je er zelf van?". Ja, zo kan ik het ook!! Dat is makkelijk verdiend!! Gewoon een vraag terugkaatsen naar de vragensteller.

 

Aan het eind van de ochtend worden alle flappen afgescheurd en opgehangen, om nogmaals te kunnen genieten van alle onzinnige teksten. Niemand kan er nog een touw aan vastknopen.

Na de lunch is er een onderwerp waarover we, in groepjes opgedeeld, gaan filosoferen. De resultaten worden alweer op een flap genoteerd, alweer met een viltstift. Bij de "plenaire" bijeenkomst aan het eind van de middag worden alle meningen verzameld en worden de flappen opgehangen, als daar tenminste nog plaats voor is.

Conclusies worden er niet getrokken, maar het was best wel gezellig. Tevreden gaan we huiswaarts, zeker na ontvangst van een bewijs van deelname: het certificaat.

In de loop van de avond kom je, onder het genot van een rood wijntje, langzaam tot het besef dat je eigenlijk niets geleerd hebt die dag.

Zeker als je er later toevallig achterkomt dat de cursusleidster vroeger daadwerkelijk in het onderwijs heeft gezeten, maar door ordeproblemen een switch moest maken.

 

Eén keer hebben we tijdens zo'n happening een persoonlijk drama meegemaakt. Een serieuze en kundige collega van ons was allergisch voor "viltstiften en flappen" en zweverige cursusleid(st)ers. Met veel tegenzin en scepsis liet hij alles over zich heenkomen. Tot het pannetje overkookte. Hij werd krijtwit, gooide al zijn frustraties in één keer eruit en verliet schreeuwend en tierend de arena. De cursusleider "omgaan met conflicten" had hier geen passend antwoord op.

 

Als tussendoortje, om de zinnen even te verzetten, was er tijdens zo'n cursusdag soms een vorm van "anders bezig zijn". Even uit de sleur. Even een halfuurtje wat anders. Opnieuw een rollenspel. Ik denk nog met plezier terug aan mijn flitsende rol als onhandelbare puber-leerling. Alles uit de kast. Niet inhouden, maar gewoon alles zeggen en roepen wat je wilt. Deze keer mocht het en ik kan nu nog steeds zeggen: dat lucht op!!

Ooit werden we verdeeld in koppels. We hadden, per koppel, een grote bak met LEGO-blokjes voor ons neus, net als in de wachtkamer van elke kindvriendelijke medicijnman. Onzichtbaar achter een gordijntje stond er een tafeltje met daarop een LEGO-bouwwerk. Dat bouwwerk moesten we precies namaken. Eén van de twee moest achter dat gordijntje loeren en aan de ander komen vertellen wat hij moest doen. Daarna werden de rollen omgedraaid. Titel van deze oefening: samenwerken.

Het hanteren van kinderspeelgoed is nog steeds heel actueel. Bij de politiemissie in Kunduz leren de Nederlanders, met behulp van Playmobil-poppetjes, aan een Afghaanse politieagent hoe hij zijn bonnenboekje moet invullen als er een lokale puber door het rode licht fietst.

 

De meerdaagse cursussen vonden plaats in een conferentieoord, meestal een voormalig klooster, parochiehuis of internaat. De lange gangen, de hoge plafonds, de serene en clericale sfeer. Ideaal om nieuwe indrukken op te doen en andere vaardigheden aan te leren. Het was toen nog niet bekend wat zich daar allemaal heeft afgespeeld tussen langgerokte celibatairs en opgroeiende jeugd. Net zo min had je het besef, dat je overnachtte in een ruimte waar vroeger een priester misschien wel hele stoute dingen deed...

 

U begrijpt uit het bovenstaande dat ik niet erg positief terugkijk op het verschijnsel "bijscholingscursus". Met als uitzondering de bijscholingen op mijn eigen vakgebied, die waren wel degelijk nuttig.

 

Maar het kan allemaal nog erger: er schijnt een cursusleider te bestaan, die om de paar minuten "Tsjakka" roept en die zijn cursisten zo ver krijgt dat ze over hete kooltjes gaan lopen. Voor die cursus schrijf ik me dus NIET in.

 

1 reactie

geen
han44

12 February 2013 om 17:44

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.