Columns met een glimlach

Verhalen en ontboezemingen die ironisch bedoeld zijn

70. Wat doe je voor de kost?

2 reacties

“Wat doe je voor de kost?”

Dat was vroeger altijd de eerste vraag aan de vrijer(s) van dochterlief. Logische vraag natuurlijk, want als ouder wil je er zeker van zijn dat je dochter “goed terechtkomt”.

Later, toen dit soort verbintenissen op steeds jongere leeftijd plaatsvonden, veranderde de openingsvraag in: “Waar ga je op school?”, meteen gevolgd door: “Wat wil je later worden?”

 

Als je aan een opgroeiende knul vraagt wat hij later wil worden dan scoren piloot, boswachter, brandweerman en profvoetballer nog steeds het hoogst. Sterker nog, ik heb nog nooit een jongeman horen wensen dat hij assistent logistiek medewerker bij een transportbedrijf wil worden. Net zo min als manager huishoudelijke dienst bij een medische instelling. Net zo min als controleur Algemene Inspectiedienst inzake mond- en klauwzeer. Blijkbaar zijn dit beroepen die minder tot de verbeelding spreken.

 

Bij meisjes zijn kapster en stewardess nog steeds heel erg populair. Het beroep van stewardess wordt sterk geromantiseerd. Behalve dat zij moet uitleggen waar de zwemvesten liggen (veel passagiers hebben door deze uitleg hun vliegangst opgelopen), wanneer de gordels aan- en uitmogen, is een stewardess toch vooral een horecamedewerkster op grote hoogte.

En …. zij moet tijdens haar werk erg bedacht zijn op luchtzakken. Een “luchtzak” is niet alleen de betiteling van een vervelende mannelijke passagier, nee, een luchtzak is ook de naam van de situatie als het vliegtuig plotseling een tiental meters omlaagvalt. Als dit gebeurt terwijl het catering-wagentje middenin het gangpad staat, dan zijn de gevolgen niet te overzien. Ik kan er over meepraten, ik was er ”live” bij aanwezig.

Nee, dan loopt haar collega-serveerster op het terras van de Grote Markt in Goes veel minder risico.

 

Ook de job van reisleidster is bijzonder populair. Ga maar na, je gaat (gratis) naar exotische oorden en nadat je aan een groepje toeristen hebt verteld wat er allemaal te doen is in het dorpje, heb je de rest van de week voor jezelf. Elke dag vakantie!!

Wel even een serieus gezicht opzetten als een zeurderige toerist je komt vertellen dat hij precies één kakkerlak in zijn douche heeft geteld. Als je deze klacht laat voor wat hij is, dan verschijnt er éne Alberto Stegeman ten tonele en dan mag je voor het oog van heel Nederland uitleggen waarom je in eerste instantie geen actie hebt genomen.

 

Mijn kleindochter heeft een dik probleem: zij wil later prinses worden. Nou doet zich de vervelende situatie voor dat Willem-Alexander en Maxima alleen dochtertjes hebben. Mocht mijn kleindochter bij haar wens blijven, dan moeten we, Europa-breed, naar een vorstenhuis zoeken met troonopvolgers van het mannelijk geslacht, bij voorkeur in het bezit van een groot, wit paard.

 

Ik heb nog steeds heel erg te doen met de situatie waarin ik één van mijn dochters heb gemanoeuvreerd. De eerste dag op haar middelbare school was er in haar nieuwe klas een voorstellingsrondje: waar woon je, van welke school kom je, wat wil je later worden en ….. WAT DOET JE VADER?

Na allerlei eerzame beroepen als makelaar, hoofdverpleegkundige, adjunct-directeur, treinmachinist was mijn dochter aan de beurt.

Met gebogen hoofd zei ze, zo zachtjes mogelijk, hopende dat niemand het zou verstaan: “Mijn vader is wiskundeleraar”

 

Heel bijzonder is het beroep van landbouwer, ook wel agrariër of boer genoemd. De vrouw van zo’n boer heet een boerin. Zij heeft de belangrijke functie om de geiten te voeren, de melkbussen schoon te maken, de melkstal te reinigen, kaas te maken, enz. enz.  Zouden de kandidates van “Boer zoekt boerin” op de hoogte zijn van wat hen te wachten staat?

Zoals al gezegd, de vrouw van een boer heet dus: boerin. Maar de vrouw van een leraar is daarom nog geen géén lerares !!

Achteraf heb ik hier wel spijt van. Het zou best wel plezierig zijn geweest: “Schat, kijk jij vanavond even die wiskundeproefwerken na? Dan kan ik die Europacupwedstrijd van Ajax kijken”. Heel handig, maar helaas…

 

Er zijn beroepen die aanleiding geven tot misverstanden. Een opperman hoort niet thuis in het rijtje opperhoofd en opperwezen. Een opperman zorgt ervoor dat de metselaar voorzien wordt van bakstenen, zodat deze gewoon door kan metselen. Als mijn kleinzoon met LEGO speelt dan ben ik zijn opper-opa. Ik zorg ervoor dat hij de juiste blokjes krijgt.

Verwar ook vooral niet de woorden zenuwenlijder en zenuwenleider.

Een zenuwenleider staat aan het hoofd van een groep neurologen. De zenuwenlijders zijn hun patiënten.

 

Niet alle beroepen zijn even populair.
Als iemand de kroeg binnenstapt en hij stelt zich voor als “handhavingsambtenaar inzake het antirookbeleid in de horeca” dan weet ik één ding zeker: hij krijgt géén gratis welkomstdrankje.

De parkeerwachter met zijn bonnenboekje (thans: computertje met ingebouwd printertje) die de  parkeerterreinen afstruint op zoek naar auto’s zonder bonnetje kan niet op veel sympathie rekenen. Voordat deze man actief de straat opgestuurd wordt krijgt hij van de gemeente een cursus om uitvluchten  en smoezen te herkennen. Eigenlijk zou hij regelmatig een blog moeten schrijven met de smoes van de week. Dat wordt lachen.

Het woord “smoes” is trouwens niet erg vriendelijk. Toen ik, na mijn onderwijsperiode, een “smoezenboek” heb uitgegeven, had ik eigenlijk meteen al spijt. Ik heb het boekwerkje snel omgedoopt tot “argumentendossier”, dat klinkt al een stuk aardiger voor mijn oud-leerlingen.

 

Tot slot één van de vreselijkste beroepen: columnist in een dagblad.

Deze arme figuur moet ELKE week op ELKE dinsdag een stuk inleveren van tussen de 300 en 400 woorden, zodat het ELKE woensdag op bladzijde 2, links bovenaan geplaatst kan worden. En je teksten moeten de toets van de goede smaak kunnen doorstaan, dat is nog wel het ergste. Je moet de inspiratie maar kunnen opbrengen.

Nee, dan toch maar liever een blogje op Zeelandnet, hier zit geen druk achter, je doet maar wat, er is geen schema. En …… je kunt gewoon een tijdje op vakantie gaan !!

Tot over drie weken.

 

2 reacties

Eerst wil ik je even een prettige vakantie toewensen, naar een heerlijk oord waarschijnlijk...

En dan , en dat is een echt gebeurd (christelijk historisch  zoals wij zeggen) een meisje uit de klas van mijn oudste zoon: ik wil een schoonheidsspecialiste worden die werkt met artikelen die niet op dieren zijn uitgetest...
Ik weet niet wat ze echt is geworden, ik ga het nog eens navragen.  

Jopie Meerman

06 September 2011 om 10:08

Mijn vader was van oorsprong timmerman. Hij ging vroeg van huis en kwam pas laat thuis. - Wat doe je toch allemaal, pappa? vroeg ik, als vierjarige. - Ik zit de hele dag op m'n kont, was het antwoord van een vermoeide man, die geen zin had om van alles uit te leggen. Toen ik naar school ging, wilde de juf wel 'ns wat meer van ons weten. - Wat doet je vader, Tilly? - O, die zit de hele dag op z'n kont! Ja, daar ben ik later flink mee gepest, hoor...

Een hele fijne vakantie toegewenst, Han!

Tuinfluiter

06 September 2011 om 13:33

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.