Gerwi's weblog

Wie schrijft die...

0 reacties

Schrijven. Oeroud communicatiemiddel. Door middel van het produceren van letters en tekens in een bepaalde volgorde maak je woorden en zinnen. Daardoor kun je waarnemingen, ideeën, belevenissen of fantasieën overbrengen aan anderen die niet in je directe nabijheid verkeren. Handgeschreven of met behulp van een tekstverwerker. Creatief of zakelijk.

 

De eerste geschriften dateren van zo’n 5 a 6000 jaar geleden. Spijkerschriften op kleitabletten. Egyptenaren gebruikten perkament of papyrusrollen. In ons land introduceerden de Romeinen de geschreven taal. Zodoende bleef er veel meer bewaard. Op school leerde je: dat is de overgang van de prehistorie naar de historie. Volgens sommigen de overstap naar de beschaving. Maar of alles wat tegenwoordig allemaal geschreven wordt nou zo beschaafd is?

 

Dat dit wel de gedachte was en is achter de betekenis van het spreekwoord “Wie schrijft die blijft” hoef ik je niet uit te leggen. Oorspronkelijk vanuit het boekhoudkundige principe dat wanneer je alles precies noteert je je hoofd wel boven water houdt. Tegenwoordig ook vaak gebruikt om te zorgen dat je niet vergeten wordt als je maar vaak genoeg wat van je laat horen. Hoe meer likes hoe beter. Ja toch?

 

De politiek zou de politiek niet zijn wanneer zij laat zien dat ook het omgekeerde het geval kan zijn. In haar zoektocht naar openingen voor een nieuw kabinet hoefde informateur Kajsa Ollongren niet op herhaling. Een enkele aantekening volstond voor een onvergetelijke blunder in de Nederlandse parlementaire historie, resulterend in: “Wie schrijft die blijft niet.”  

 

Misschien wel even pijnlijk, maar waarschijnlijk minder bekend in actieve herinneringen, zijn de aanzetten of pogingen daartoe vanuit Nederlandse ministeries om onwelgevallige conclusies uit onderzoeken van scherpe randjes te ontdoen of sterker nog: creatief te (laten) herschrijven in de gewenste richting. Zeker de laatste decennia wordt het-precieze-wie-schrijft-die-blijft-principe nog wel eens ingewisseld voor de gedachte wie-betaalt-bepaalt-de-uitkomstrichting. Soms gaan bureaus daarin mee, soms ook niet.    

 

Neem het RIVM. Voorgangers van de heer Van Dissel schroomden niet om het rekenkundige gedraai en gesjoemel van verkeersminister Tineke Netelenbos rondom de (niet) vermeende geluidshinder van Schiphol aan de kaak te stellen middels publicatie van een onderzoeksrapport dat het tegendeel aantoonde. Het RIVM mag gevraagd en ongevraagd advies geven. Dat deed zij ook ten tijde van de Q-koorts. Gevaarlijk voor de gezondheid van de mens was de conclusie. Toch wist men vanuit met name het ministerie van Landbouw het economisch belang van geitenfokkerijen nog zeker een jaar lang voorop te zetten. “Wie schrijft die blijft (niet).” Het is maar van welke kant je het bekijkt.

 

Voorbeelden van aanpassingen? Uitkomsten van onderzoeken naar softdrugs halverwege het vorig decennium pasten niet in het beleid van toenmalig minister Opstelten, waardoor bepaalde passages geschrapt dienden te worden. Idem m.b.t. kweekvis. Hoewel al ruim voor 2019 gewaarschuwd is dat het Programma Aanpak Stikstof het beoogde doel niet zou bereiken, moesten rapporten daar wel op uitkomen. De rechter oordeelde hard: PAS werkt niet!

 

Het hedendaags gegoochel van het RIVM met de methodiek van het meten van de stikstofneerslag mag er ook zijn. Lucht- en scheepvaart zouden er niet toe doen (volgens hen of volgens de politiek?). Het effect van bouwen aan een weg telt na 5 km opeens niet meer mee, terwijl ze op andere terreinen overduidelijk aantonen dat die neerslag op de natuur juist van veel verder wel degelijk doorwerkt. Zelfs van over de grens. Wie zet ze aan tot zulke verschillende werkwijzen? Voor alle helderheid: ik verzin dit niet zelf he. Gerenommeerde kranten als Trouw en De Volkskrant tonen nog meer voorbeelden. Tja, wat moet je dan? Weet jij het?

 

“Ja hoor,” hoor ik jou vol overtuiging roepen: “Hou je aan het principe van schoenmaker blijf bij je leest.” Gelijk heb je. Laat ik me beperken tot de Zeeuwse politiek. Vrijdag zag ik echter exact dat soort zaken voorbijkomen. De uitwerking van de coronamaatregelen van het Rijk – op advies van het OMT/RIVM – in onze provincie bijvoorbeeld. Voor het midden- en kleinbedrijf, de culturele sector, de zorg, het OV en ander voorzieningen. Hoe houden we die op peil?

 

Een ander voorbeeld: we willen allemaal een schoon, veilig en gezond Zeeland. Maar is onze Zeeuwse milieudienst wel voldoende toegerust om voor gemeenten, Waterschap en provincie de taken rond vergunningverlening, toezicht en handhaving goed te kunnen uitvoeren? We bespraken ditmaal hun begroting en binnenkort de toekomst. Op weg naar een robuuste organisatie?

 

Zo belandde ik als vanzelf op het spoor van mijn eigen aantekeningen. Wie schrijft die blijft nietwaar? Van elk werkbezoek, elke informatiesessie, politieke discussie en natuurlijk onze eigen kijk op actuele en minder actuele thema’s maak ik ze. Zo haalde ik uit mijn eigen krabbels van de laatste tijd dat GroenLinks meermaals constateerde:

dat er van de RUD meer en meer gevraagd wordt, wat meer gaat kosten;

dat de huidige stikstofproblematiek nog maar een topje van de ijsberg is;

dat transities in de energie, landbouw en het klimaat kansen bieden;

dat het nu tijd is om in te zetten op een betere balans tussen ecologie, economie en het welzijn van mens en dier.

 

Daarnaast viste ik uit eerdere aantekeningen moeiteloos een hele serie andere roodgroene speerpunten zoals:

verduurzaming en vergroening;

hergebruik en besparing;

meer mens en milieu, minder markt en munt (marktwerking werkt niet overal);

voorzieningen op peil houden in de (jeugd)zorg, het onderwijs en OV vergen in Zeeland een andere aanpak dan in de Randstad;

kom los uit vastgeroeste systemen;

toename biodiversiteit van belang voor natuur, landbouw en gezondheid;

geen bomen kappen, maar extra plaatsen enz. enz. enz.

 

“Waarom som je dat allemaal op,” vraag jij je nu af? “Herken je geen patroon?” zou ik als tegenvraag willen stellen. Oftewel: GroenLinks schrijft geschiedenis! De makke voor mijn partij is dat het doorgaans wat langer duurt voordat andere partijen meegaan met voorgestelde veranderingen. Nu zie je dat ook rechtse partijen inzetten op meer naar elkaar omkijken, invloed van de overheid vergroten en tref je in praktisch elk verkiezingsprogramma’s paragrafen over nut en noodzaak verduurzaming en transities aan.

 

Je mag concluderen: “Wat je schrijft beklijft,” ook al neemt dat meer tijd in beslag dan je hoopt. Voor mij reden temeer om vast te houden aan “Wie schrijft die blijft.” Opdat roodgroene invalshoeken niet vergeten worden. Die kunnen immers niet gemist worden. Dat lijkt me duidelijk. Mee eens?   

 

 

 

Hartelijke roodgroene groet,

Gerwi.

0 reacties

- Er zijn nog geen reacties geplaatst.



Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.