Gerwi's weblog

Debat(V)rede

0 reacties

Het debat. Een discussievorm waarbij het erom gaat dat je een stelling, een stuk verdedigt of juist bestrijdt. Er zijn wat spelregels zoals de spreekvolgorde, de spreektijd en een onafhankelijke voorzitter of jury. Of het een levendig debat wordt hangt niet zozeer af van de wijze waarop die regels worden gehanteerd. Meer van de deelnemers. Hebben ze zich goed voorbereid? Gebruiken ze sterke argumenten? Staan ze met hart en ziel iets te verdedigen of te bestrijden? Wat staat er op het spel?

 

Soms mondt een debat uit in een soort lange rede. Dat kom je wel eens tegen in Tweede Kamer, Staten- of raadszaal wanneer je als politicus je betoog houdt en er nauwelijks of geen reactie komt. Omdat iedereen het met je eens is? “Daar geloof ik niet in” hoor ik je zeggen. Wie de hedendaagse politiek een beetje volgt zal je gelijk geven. Want doorgaans gaat het ergens over. Voor volksvertegenwoordigers is debatteren “dagelijkse” kost.

 

Hoe anders is dit voor jongeren? Natuurlijk, ook zij denken heus niet overal hetzelfde over. Zij discussiëren in hun “eigen taal”, vaak via sociale media. “Dissen” is al weer uit als ik het goed heb. Maar wanneer je oppert dat jongeren die formele debatvormen uit hun geheugen gewist hebben nog voordat een docent er wat meer over kan vertellen, zal menigeen dat beamen. Hoewel?

 

Als jurylid zie ik een stijgende lijn in wat Zeeuwse VO-scholieren ons de laatste jaren voorschotelen in diverse jeugddebatten. Zeker afgelopen dinsdag bij de provinciale voorronde van “Op weg naar het Lagerhuis”. Daar kunnen wij als beroepspolitici nog wat van leren. Niet alleen qua tempo. Presentatie, argumentatie, persoonlijke voorbeelden die hout snijden en passie spatten er vanaf. Bovendien hadden ze al snel in de gaten dat samenwerken loont. Alleen bij de V-rede moest je alles zelf doen. Hoe overtuig je de zaal, de mensen van de organisatie en de jury van iets wat jou raakt, waar jij je voor wilt inzetten? Daar gaat het om bij de V-rede. Elke school vaardigde vlotte redenaars af. Zonder iemand tekort te willen doen, hier een voorbeeld van de inbreng van het Calvijncollege.

 

Ze is een jaar of 15. Neemt zelfverzekerd achter de microfoon plaats, kijkt de zaal in en begint met een beschrijving van zichzelf. Klein, donkerblond haar, blauwe ogen, zwart jurkje. Ze raakt gelijk de kern met de vraag: “Maar kennen jullie mij nou echt?” Nee, natuurlijk niet. Maar toch heb je allemaal al een oordeel gevormd. Haar in een hokje gestopt. Daar zijn we sterk in, vooral in onze westerse maatschappij. (Voor)oordelen over anderen, over vluchtelingen, over armoede, over klimaatverandering. Het is waar of niet, je bent voor of tegen.

 

Iedereen hangt aan haar lippen. Leerlingen van alle scholen, docenten, organisatie en jury. “Nee” zegt ze dan opeens: “je hoeft niet voor mij te klappen. Je moet pas klappen als je tegen jezelf durft te zeggen: ik kap met dat hokjes denken, ik haal die schotten weg”. Tijdens Eline’s V-rede was het muisstil. Dat het applaus na afloop al het andere geklap op die dag ruimschoots overtrof zal je niet verbazen. Mij niet in elk geval. Net zo min als dat zij doorgaat naar de landelijke finale. Wat een debattalent!

 

Geïnspireerd door zoveel redenaarskunsten bereidde ik me de rest van de week voor op het debat in PS van afgelopen vrijdag. Hoofdmoot op de agenda was de Kadernota over het Omgevingsplan 2018. Waar is straks na 2018 wel of geen ruimte voor in onze provincie? En wie gaat waarover? Wanneer je kaders stelt geef je aan in welke richting het beleid uitgewerkt moet worden. Of juist niet. Als het gaat over wonen bijvoorbeeld. Moet elke kern kunnen uitbreiden? Of alleen bepaalde stedelijke gebieden? En hoe zit dat met accommodaties voor recreatie? Welke kant moet de landbouw op? Moeten karakteristieke elementen van het Zeeuwse landschap - zoals duisternis - gekoesterd worden? Moeten er overal windmolens of zonneparken worden toegestaan om energieakkoorden waar te maken? Enzovoort.

 

Er lag een gedegen, deels aangepast, stuk ter bespreking. Na de 1e sessie in december 2017 was GS immers gaan praten met de ontevreden Zeeuwse gemeenten. Dat had bij hen de kou uit de lucht genomen. Of dat ook zo bij andere partners was? Hoe ik daarover dacht en denk kun je teruglezen in de bijdrage van GroenLinks aan dat debat op onze website of terugzien op de website van de provincie. Dat kader moe(s)t scherper, met name daar waar het de regierol van de provincie betreft vindt GroenLinks. Hoe gedegen wij ons ook hadden voorbereid, hoeveel argumenten we ophoesten uit rapporten die door iedereen onderschreven worden, hoe sterk we ook een beroep deden op datgene wat partijen voorheen zelf aanreikten, hoe levendig het debat ook was, ik kon mijn collega’s niet overtuigen. Voelde me een roepende in de woestijn en stemde als enige tegen.

 

Na afloop loop je het debat nog eens na. De boodschap was echt wel de onze. Toch overdenk je wat misschien anders had gemoeten. Ik kom ditmaal niet verder dan dat ik vrede heb met de constatering dat Eline’s debat(V)rede in al haar eenvoud het ruimschoots gewonnen heeft van mijn inbreng. Ditmaal.

 

 

 

 

Hartelijke roodgroene groet,

Gerwi.

0 reacties

- Er zijn nog geen reacties geplaatst.



Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.