Het andere geluid ......

Stedelijk bouwen

1 reactie

In Heerenveen staat een fabriek dat prefabwoningen maakt. Eigenlijk bouwpakketen van muren die in een fabriek worden gebouwd. Per dag kan men dan een woning neerzetten. Die fabriek knutselt nu 400 woningen per jaar, maar er komt een nieuwe fabriek voor 4000 woningen per jaar. Daarmee kun je het tekort aan woningen aardig terug brengen.

De afgelopen 75 jaar is er volop gebouwd om ons kapot geschoten land weer op te bouwen. Straten met eenvormige huizenblokken. En eigenlijk zie je in nieuwbouwwijken nog steeds deze eenvormige bouwstijl. Seriebouw is nu eenmaal goedkoper dan een architect die oog heeft voor stedelijke vernieuwing.

Vandaag was ik in mijn geboortestad Vlissingen. En ik kan het nooit laten om deze stad te vergelijken met Goes, waar ik al 50 jaar woon. In beide steden wordt vaak gemopperd over wat er verdwenen is. Nostalgisch zwijmelt men in Goes bij foto’s van de ‘krotten’ in de Smallegangesbuurt. En in Vlissingen bij hetgeen verdwenen is in bijvoorbeeld de Slijkstraat. Uitgever Geert van Oorschot is er geboren en sprak het op zijn Vlissings uit als Slikstraat. Volgens hem stonk het er ook naar de modder uit een riool.

Ik mag graag kijken naar nieuwe ontwikkelingen in beide steden. Goes is gezellig met een bruisende binnenstad. Vlissingen noemt zich bruisend als de branding, maar de binnenstad wil maar niet bruisen.

In Goes bouwt men ‘dorps’, rechte straten en soms zelfs een dorpspleintje. Maar Vlissingen heeft ‘stedelijke allure’. Niet iedereen ziet dat. De meningen over die bouwstijl zijn verdeeld. Velen houden meer van het bekende recht toe, recht aan.

Ik moest in Lammerenburg zijn, vroeger een gehucht met veel weiland bij Koudekerke. Nu een woonwijk. Ik was er nog nooit geweest. Als je al driekwart van je keven in een andere stad woont vervreemd je ook een beetje van je geboortestad.

Eerlijk gezegd hou ik wel van de stedelijke allure van Vlissingen. Dat zie je al aan de boulevard. Vroeger een dijk met wat woningen en nachtclub de Vic, nu hoogbouw tot duizelingwekkende hoogte. Op die lokatie kan dat, maar ik had niet moeten denken aan torens in het Veerse Meer of het stationsgebied in Goes.

Soms probeert men in Goes wel het ‘dorpse’ te overstijgen. Een voorbeeld is de Westerschans. Appartementen aan het water noemt men het wervend. Maar het blijft toch maar een smal kanaaltje.

Vandaag in een straat in Vlissingen die men ‘Rietkraag’ noemt. Je ziet er geen riet maar vestingmuren. Stevige muren rond tuinen die veel weg hebben van een oude stadsvesting. Ooit heeft men dat ook in Goes-west willen bouwen, maar het is er niet gekomen. In Vlissingen dus wel. Een leuk idee op een lokatie waar nooit een vestingmuur heeft gestaan, al lijkt het wel iets op de muur rond de buitenplaats die reder Cornelis Lampsins in 1633 op die plaats liet bouwen.

Maar er zijn in Vlissingen meer bijzondere bouwsels, zoals de ronde hoekwoning en de scheve torens in de Gravenstraat. En niet te vergeten de nieuwe wijk Het Scheldekwartier op de lokatie van de vroegere scheepswerf. Ik zou bijna heimwee krijgen naar mijn geboortestad. Maar ja, die binnenstad in Vlissingen. Die haalt het natuurlijk nooit bij die van Goes.

1 reactie

Dank voor deze mooie vergelijking tussen de twee steden.

Toos van Holstein

14 October 2020 om 13:20

Plaats een reactie

U bent nog niet ingelogd; hierdoor kunt u nog geen reactie plaatsen.
Ga eerst na de inlogpagina. Als u geen ZeelandNet abonnemenent heeft kunt u een gast-account gebruiken.