Kapitein Rob - Pieter J. Kuhn

Communities

ZeelandNet

Kapitein Rob - Pieter J. Kuhn

249.427 bezoekers 11 leden Log in

101.001 LEVEN EN WERKEN VAN PIETER KUHN


LEVEN EN WERKEN VAN PIETER KUHN

Bron: Kapitein Rob's stormachtige leven, door Lex Ritman

Pieter Joseph Kuhn is in Amsterdam op 22 mei 1910 (des namiddags ten negen ure in de Potgieterstraat 35) geboren als zoon van Pieter Joseph Kuhn, geboren in 1875, en Janie Munnikes, geboren in 1887. Zijn vader werkt bij een tabaksfirma en zijn moeder zorgt als huisvrouw voor het gezin. Hij groeit voorspoedig op en brengt zijn jonge jaren, na een korte periode in de Van Houweningenstraat 73, op de Hugo de Grootkade 82 door. Hij volgt in de hoofdstad bij drukkerij Senefelder een opleiding tot lithograaf, behaalt zijn diploma in 1929, het jaar waarin hij naar Amsterdam-Zuid verhuist, en werkt er als reclametekenaar. Hierna verdwijnt hij naar Vlaardingen, waar hij in zijn verlovingstijd (verloving: 25 december 1932) op kamers woont (Hofsingel 69 en Hoogelaan 8 zijn bekend) en bij drukkerij Van Dooren in zijn levensonderhoud voorziet.

Op 20 december 1934 trouwt hij met Margaretha Groenewoud in zijn geliefde Amsterdam (het echtpaar Kuhn krijgt drie dochters Marga, Willy en Jeannette), en woont hierna ongeveer 4 jaar in Schiedam. Eerst in de Jan Steenstraat 59 en later in de Rembrandtlaan 52. Pieter Kuhn blijft bij Van Dooren werken. Aangezien de hoofdstad lokt, verhuist Kuhn naar Amsterdam, waar hij voor zichzelf wil beginnen. Op zoek naar werk in de naaste omgeving, blijft hij bij Van Dooren in Vlaardingen werken. Vrijwel elke dag gaat hij met de bus naar zijn werk.
Ongeveer een half jaar later reageert Pieter Kuhn op een advertentie van het reclamebureau Kastelein uit Hilversum. Het adres op de Admiralengracht wordt verlaten, en de familie verhuist op 7 juli1939 naar Hilversum. In de tweede wereldoorlog ontwikkelt zich bij Pieter Kuhn het idee om een bestaand boek door middel van strips te illustreren. Aangezien hij ondanks lang speuren geen bruikbaar materiaal vindt, besluit hij zelf een verhaal te bedenken. Het idee voor Kapitein Rob wordt dus reeds tijdens de oorlogsjaren geboren. Het werk bij het reclamebureau bevredigt Kuhn op den duur niet, en kort na de oorlog stapt hij naar Het Parool.
Op 11 december 1945 gaat de avontuurlijke strip Kapitein Rob in Het Parool verschijnen. Deze krant heeft, evenals Pieter Kuhn, veel voor het ondergrondse verzet betekend. Tekenen doet Kuhn in Hilversum, zodat hij van tijd tot tijd naar Amsterdam moet om zijn werk af te leveren en overleg te plegen met Evert Werkman.

Het Robverhaal heeft twee onderbrekingen gekend. Na Om het goud van Midian (37) heeft Kuhn er schoon genoeg van, waardoor er op maandag 4 april 1955 voor de eerste maal geen Robaflevering in de krant verschijnt. Zelf heeft hij hierover gezegd: Ik ben opgehouden met tekenen. Een mens leeft te kort om zijn leven te verdoen. Ineens was ik echt helemaal Kapitein Rob. Pas op 1 september 1956 worden de Robavonturen om financiële redenen (van Kuhn) hervat. De leegte in de krant wordt door Piet Wijn met zijn strip Frank de Vliegende Hollander opgevuld. Voor Pieter Kuhn bestaat er geen leegte, want hij werkt aan het boek Pioniers van de ruimtevaart en gaat met zijn vrouw op vakantie naar Monaco en Corsica.
Zo'n twee jaar later moet de serie onderbroken worden, omdat Kuhn een hartaanval krijgt. Op 8 november 1958 wordt ergens in De schimmen van de Nevelvallei (48) gestopt. Het Parool doet op pagina 1 een mededeling over de ziekte van Pieter Kuhn.
Op dinsdag 30 juni 1959 wordt de draad opnieuw opgepakt en doet Rob het nog eens dunnetjes over vanaf het begin van verhaal 48.
Na nog vele avonturen verzorgd te hebben, overlijdt op 20 januari 1966 Pieter Kuhn tijdens zijn werk in de binnenstad van Amsterdam. De laatste aflevering, op 21 januari in Het Parool gepubliceerd, is ergens halverwege Rendez-vous in Jamaica (73).
Binnen Hilversum (Van Beuningenstraat 23) is Kuhn nooit verhuisd.
Pieter Kuhn had nog vele plannen, waarvan één zeker niet onvermeld mag blijven. Hij was bezig om zijn tjalk Caprice te verkopen om aan voldoende geld te komen voor een zeewaardig zeilschip, dat uiteraard De Vrijheid zou gaan heten.

Zijn eerste tekenprestaties waren jeugdimpressies . Hij maakte toen al een strip, die hij P.K. serie (Pieter Kuhn-serie) noemde. De tekeningen in potlood waren genummerd 1 t/m 9. (zie 101.019 Jeugdimpressies )

Zijn studies aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten (1930) omvatten o.a. mannelijke en vrouwelijke modellen, paarden en naakten.Voor eigen plezier maakte hij daarbuiten ook nog aquarellen, olieverfschilderijen en natuurlijk tekeningen van o.a. schepen. Op deze wijze vereeuwigde Kuhn b.v. een manege in Hilversum en schilderde hij een fraai zelfportret.

Vóór zijn stripperiode maakte Kuhn ook bioscoopaffiches. Van groot belang voor zijn werk is ook zijn carriere als reclametekenaar in Vlaardingen geweest. Vanuit die achtergrond ontwierp hij o.m. verpakkingsmateriaal voor o.a. kinderserviezen en grammofoonplaathoezen.

Verder ontwierp hij personeelswervingsfolders voor zowel de Heineken Brouwerij als de Koninklijke Marine en de Koninklijke Java-China-Paketvaart Lijnen N.V.

Ook tekende hij prentbriefkaarten met steden en briefkaarten met kinderportretten, met o.a. zijn dochtertje Marga, die hij signeerde met Kuhn.

Behalve Kapitein Rob en de wervingsstrip voor Heineken, maakte Kuhn ook een reclamestrip in de Magneet Monitor, het blad van de Magneet Rijwielen- en Motorenfabriek te Weesp. Aan de hand van de daarin getoonde modellen kan de datering, 1964, worden afgeleid. Ook illustreerde Kuhn het programma, dat voor de doop van het schip De Groene Draeck van Prinses Beatrix op 4 juni 1957 bestemd was.

Door Pieter Kuhn geïllustreerde boeken zijn: Van Flevo- tot IJselmeer (1943), Landell's Nachtfluistering (1944), Anno Teenstra's Fluisteringen van de zee (1948), Hou vol Govert (van Ton van Beers; 1949) en Het journaal van de Takebora (1966).

......Het journaal van de Takebora.....

Omslag en illustraties uit: Fluisteringen van de zee.

Voorts verzorgde Kuhn de omslag voor het boek Michiel de Ruyter (1942), tekende hij plakplaatjes voor het album Pioniers van de ruimtevaart (1956) en illustreerde hij in tijdschriften als De Waterkampioen en De Blauwe Wimpel.

..... Illustratie uit de Waterkampioen.....

Nadere details van bovenstaande boeken zijn:

Michiel de Ruyter, een boek met vele foto's over een roemrucht verleden, is een uitgave van Holle & Co. te 's Gravenhage (1942). Het aandeel van Kuhn in de uitgave beperkt zich tot de omslagtekening van M. A. de Ruyter gesigneerd met Kuhn. Het inmiddels antiquarische werk is van de hand van N. Aartsma.

Van Flevo- tot IJselmeer; dit boekwerk is uitgegeven door dezelfde uitgeverij en de inleiding werd verzorgd door Henk Draaisma. Kuhn, die met K signeerde, verzorgde de omslagtekening (een zuidwalbotter), vignetten en pentekeningen voor het boek. Het fotowerk van dit in 1943 verschenen boek is van Femke en Walt Verwey aangevuld met 16 foto's van Fred Thomas.

Hou vol Govert; Nieuwe avonturen van stuurman Govert Pits; een boek van de hand van Ton van Beers (A. C. van Beers) werd geïllustreerd door Pieter Kuhn en uitgegeven door Nieuwe Wieken N.V. Prinsengracht 681, Amsterdam-C. Het boek telde 200 pagina's; behoorde tot een serie en kostte f 4,50.

Olaf J. de Landell, Nachtfluistering, de droom van een oude stad.
â??s-Graveland (G.W. Breughel), 1e druk, 1944, 176 blz. Formaat: 26,8 x 20 cm.
Illustraties en vignetten: Pieter Kuhn. Bevat: 4 paginagrote, gekleurde aquarellen en 8 paginagrote zwart-wit illustraties en tal van vignetten. Voorplaat deels in reliefdruk.

 Klik HIER voor meer afbeeldingen

Pioniers van de ruimtevaart is een uitgave van de Rotterdamsche Margarine Industrie, J. M. Zwerver N.V., postbus 20 Vlaardingen. Schrijver was Gerton van Wageningen; het boek werd gedrukt bij Benedictus te Rotter dam en was te completeren met 102 gekleurde plaatjes, waarvan er circa 700.000 werden uitgebracht. De plaatjes moesten in het album geplakt worden, dat voor f 2,45 verkrijgbaar was bij de fabriek. Kuhns honorarium bedroeg 1 cent per geleverde kilogram margarine. In de praktijk betekende dat, dat Kuhn 1 cent per plaatje kreeg, omdat er vier plaatjes per kilo werden bijgeleverd voor de consument. Naar een contract, dat dateert van 18 oktober 1955, bedroeg het honorarium van Kuhn minimaalf 5.000,- en maximaal f 15.000,-. Uit correspondentie van later datum bleek, dat er slechts 147.720 kg margarine was afgezet, waardoor Kuhns honorarium niet boven het voorschot (f 5.000,-) uitkwam! Voor dat bedrag had Kuhn dan ook nog de hoofdstuk- en hoofdletterornamenten en een aantal instructieve tekeningen gemaakt.

In dit ruimtevaartboek speelden, behalve twee Nederlandse jongens, professor Lupardi en zijn assistent Yoto de hoofdrollen. Af te leiden valt, dat Kuhn voor het boek tekende in de tijd, dat hij niet meer aan Kapitein Rob werkte. De teleurstellende verkoop van de margarine, dus ook van zijn tekenwerk, bracht hem ertoe op 1 september 1956 de strip weer op te pakken.

Het journaal van de Takebora is een uitgave van A. J. Luitingh, Laren N.H.uit 1966. Het verhaal is oorspronkelijk als feuilleton verschenen in De Waterkampioen, een blad van de A.N.W.B. Kuhn ontving de reisbrieven rechtstreeks van schrijver H. A. Maurenbrecher, maakte er illustraties bij, en zond het geheel door naar de A.N.W.B.

In opdracht van de boekhandelaar Richard Bing uit Hilversum illustreerde Kuhn ( hij signeerde met Peter) ook boeken met de Sprookjes van Grimm en Andersen, gedrukt in 1943 (De Nieuwe Pers - Averbode (België)). Bing zelf is in 1944 door de Duitsers in Kamp Vught ter dood gebracht.

(Zie voor meer informatie hierover : Leven en werk van Pieter Kuhn - Sprookjes )

In de jaren 50 tekende Kuhn de omslagillustraties en gekleurd binnenwerk van 4 boekjes die werden uitgegeven door Sandle Brothers Limited, London. (Gesigneerd: Kuhn), Titels van de boekjes: 'Off to school', 'Happy Days', 'Jolly Times' en 'Fun and Games'

Ook in het buitenland waren Kuhn en zijn schepping Kapitein Rob actief. (zie Kapitein Rob buitenlandse uitgaven )

Van Hein Kohn stamt een naoorlogs bericht over Grimms und Andersens Märchen in mehreren Bänden, mit farbigen IIlustrationen von Pieter Kuhn (druk circa 1943), der nach dem Krieg berühmt wurde als Illustrator der Stripserie Die Abenteuer vom Kapitän Rob, die in der Tageszeitung Het Parool erschienen ist. Het boek werd in de oorlog in opdracht van boekhandelaar Richard Bing gedrukt.

De Kapitein Robserie, die van 11 december 1945 tot en met 21 januari 1966 (met uitzondering van de al eerder vermelde onderbrekingen) in de Paroolbladen heeft gestaan en waarvan in Nederland tot nu toe drie series boekuitgaven zijn uitgekomen (zie lijst van Kapitein Robverhalen), werd ook gepubliceerd in vele buitenlandse bladen, zoals in Ierland, Engeland, België, Frankrijk, Duitsland, Polen, Italië, Brazilië, Indonesië, Zuid-Afrika, Zwitserland, Mexico, Pakistan, Suriname, Curaçao, Aruba, Portugal, Canada, India, Spanje, Finland en Denemarken onder namen als: Kapitana Roba, Capitaine Jacques, Captain Robert, of Capitao Audaz.

Er zijn ook buitenlandse boekuitgaven. In Duitsland kwamen drie pockets uit met de Abenteuer des Kapitän Rob; de omslagen waren getekend door Kuhn. Het waren uitgaven van Comel Verlag in Keulen uit ongeveer 1953. De titels waren: Kapitän Rob und das Erdölgeheimnis, Das Rätsel der Venus en Kampf um Uran. De titels van deze science fictionverhalen zijn zonder moeite te herkennen. De heer Poldner (Parool) moest de kunstafdrukken van de strip opnieuw indelen voor de pockets, die 128 pagina's bevatten.

Deze pockets werden via warenhuizen verkocht. In 1976 verscheen, in feite zonder toestemming van de fam. Kuhn, lm Reich des weissen Mammuts; als eerste album van een serie Die phantastischen Abenteuer von Captain Rob. Het is een uitgave van Gotfried van der Steen Comic Verlag, 2057 Reinbek. Wel vermeld werd: copyright by M. Kuhn/lnt. Literatuurbureau B.V. De Duitse rechten intussen claimde Gotfried vander Steen Comic verlag (1976). De vertaling is van C. Erdmann, de omslag werd ontworpen door Studio T. Leppin, Hamburg, en alles is gedrukt door Ludwig Appel & Sohn te Hamburg. Voorin het album was een kaart van de reis van Kapitein Rob met zijn Vrijheid gedrukt, terwijl ook een beschrijving van de hoofdpersonen was opgenomen. Er was zelfs een reclamecampagne compleet met T â??shirts opgezet om deze uitgave te promoten. De uitgave van dit album werd een mislukking, zodat de serie niet werd voortgezet.

In Zuid-Afrika kwamen de verhalen 4 en 7 in oblongformaat uit. Het eerste deeltje heette Ridders van die See (QN 276 t/m 350; blz. 5 t/m 79) en deel twee droeg als titel Die Vallei van die Verlore Wêreld (QN 505 t/m 581; blz. 3 t/m 79). De serie heette Die Avonture van Kaptein Rob. Daarmee waren nog niet alle belevenissen van Kapitein Rob in Zuid-Afrika aan de orde geweest, want in een geheel andere reeks had Rob ook avonturen beleefd. Dat hier sprake was van een andere serie bleek uit de nummering, de inkorting van het Robverhaal en het ontbreken van de hierboven genoemde naamgeving van de serie. De titel van deel 1 van de andere serie luidde: Die avonture van die seilskip Vryheid.

De omslag vermeldde: 30 sent 3/-. Het was een uitgave van Vanderspoel-drukkery (Edms.) B pk. Posbus 371-Potchefstroom. Onder de aankondiging stond: 'In hierdie eerste boekie van 'n hele reeks'. Het formaat was oblong en de omvang pagina 2 t/m 80. In de Afrikaanse tekst speelde Kaptein Rob de hoofdrol. Op de binnenomslag stond het volgende deeltje aangekondigd: Die Skeepsjoernaal van Peer die Skuymer, en ook een aansporing om maar snel te kopen. 'Binnekort sal dit ook verkrygbaar wees. Sorg dat jy dit nou al reeds bestel, want die voorraad is gou-gou uitverkoop'. Ook werd iets gemeld over een Kaptein Rob-Klub en een 'Iidmaatskapsbewys'.

Mogelijk heeft de zending van zo'n 3000 deeltjes Jan van Riebeeck in Zuid-Afrika (24), die in 1952 plaatsvond, invloed gehad op de Kapitein Rob-activiteiten in Zuid-Afrika.

In België verschenen albums met Nederlandse tekst in A-4 formaat, met telkens twee verhalen. Ze werden verzorgd door Drukkerij Het Volk (Gent, Forelstraat 22 en Brussel, Broekstraat 50). In de zes uitgekomen afleveringen stonden drie stroken boven elkaar.

De Stripkatalogus 1978 (Hans Matla, Uitgeverij Panda) geeft hierover meer informatie. De albums verschenen in de jaren 1957 t/m '59 en in de uitgaven waren respectievelijk gebundeld de verhalen 16 en 14, 5 en 15, 13 en 17, 18 en 7, 4 en 19, 3 en 20.

Aan de tweetaligheid was het te danken, dat ook een Franstalige uitgave in België werd uitgebracht en wel onder de titel Les aventures du capitaine Rob. Deze uitgave werd verzorgd door Samedi, 50 Rue du Marais, Bruxelles en behoorde in feite bij Samedi-Jeunesse een tijdschrift, dat wekelijks verscheen en tegen een abonnementsprijs van 4 francs verkrijgbaar was.

Dat abonnement leverde voor kinderen dan ook nog een gratis ongevallenverzekering op.

Zeker is dat er twee delen uitkwamen, één in december 1957 en één in september 1958. Eén met de verhalen 16 en 14 en één met de verhalen 5 en 15.

Wellicht werden zowel de Frans- als Nederlandstalige editie bij Het Volk gedrukt; het gebruik van een zelfde omslag wijst daarop.

Behalve de Kapitein Robverhalen, zoals die in de krant en in boekvorm verschenen, is er ook een serie beeldstroken geweest op kleinbeeldformaat. Elk verhaal bestond uit drie rolletjes, die verticaal door de beeldstrookprojector moesten. De afbeeldingen waren rechtstreeks van de bestaande strips overgenomen, terwijl de teksten van de eerste stroken door Evert Werkman werden geschreven en van de latere door zijn vrouw werden gemaakt. Alles omstreeks 1953-1954. De filmpjes werden door Clairo Filmprojectie, Kloveniersburgwal 53 te Amsterdam in de handel gebracht. Het geheel was een zaak van beperkte omvang en van de weinige vervaardigde stroken zijn De avonturen van Kapitein Rob (het eerste Robverhaal!), Het scheepsjournaal van Peer de Schuymer, Het pinguïnland van professor Lupardi, Het levende eiland en De schat van opa Larsen zeker uitgebracht. Zie: Fotoalbum - Clairo

In het jeugdblad Ketelbinkiekrant/(Kapitein)Rob's vrienden, stond gedurende een periode het geïllustreerde verhaal Kapitein Rob vertelt. Ook de Kapitein Robstrip zelf heeft er, zij het niet compleet, in gestaan.

Buiten de normale strips vielen ook nog enkele andere zaken:

Bij de originelen, die in het bezit van mevrouw M. Kuhn-Groenewoud waren, bevond zich het ontwerp voor de omslag van een boek, dat 'De Verkeerde Vrouw' zou gaan heten. Als schrijfster ervan stond Louise Redfield Peatty vermeld. Circa 1946, gesigneerd QN.

Naar aanleiding van de geboorte van een jongetje te Apeldoorn, voor wie de ouders Kapitein Rob van De Vrijheid III hadden verzocht peetoom te zijn, verscheen in Het Parool een caricaturale strip van slechts twee stroken (Q N001 en Q N 002). Hierin vond omstreeks 1950 een hevige zeeslag in een bad plaats tussen een kleine Rob gehuld in luier, compleet met pijp en veiligheidsspeld, geassisteerd door Peer de Schuymer en zijn vijanden Gele Speen (Wang Hang) en de Aardbey van Algiers.(zie Kapitein Rob in Notedop)

Het boek Alan redt de club geschreven door James W. Kenyon is geillustreerd door Pieter J. Kuhn. Dit was een uitgave van G.W. Breughel uit Amsterdam.

 Klik HIER voor meer afbeeldingen 

Het onderstaande boekje uit 1952, 'Stormkaap' uitgegeven door Comité Van Riebeeck - herdenking 1952, Amsterdam is geschreven door Evert Zandstra. Tekeningen en omslag van dit boekje zijn van Pieter J.Kuhn, 48 blz., tekeningen in zwartwit.

Van een boek getiteld 'Jane van Lantern Hill', geschreven door Lucy Maud Montgomery, is de omslagillustratie van Pieter Kuhn. Uitgegeven door A.G. Schoonderbeek, Laren (N.H.) 1946

 

Candelaria - Franz Taut. Cover: Kuhn. Uitgegeven door: Holle & Co. Den Haag 1944.

Land en volk van Gaast en Klif van L. Post-Beuckens. Uitgever: A.G. Schoonderbeek, Laren (N.H.) 1947. Kuhn-illustraties: stofomslag, binnenwerk.

In het boek 'Jan van Riebeeck tussen wal en schip' van Willem-Pieter van Ledden staan op bladzijde 71 plaatjes van Pieter Kuhn en op bladzijden 70 en 72 teksten over Pieter Kuhn. Dit boek is 2005 verschenen bij Uitgeverij Verloren b.v. Hilversum.

 

Omhoog